Ontvang onze nieuwsbrief
Stichting World Child Care

Stichting World Child Care ondersteunt kansarme (wees)kinderen en jongeren tot en met twintig jaar, die leven in ontwikkelingslanden. Denk daarbij aan gezonde voeding, kleding, huisvesting, educatie, hygiƫne en medische verzorging. World Child Care is momenteel met name actief in Myanmar.

Werkbezoek februari 2015

Werkbezoek februari 2015 Dit reisverslag is op persoonlijke titel geschreven door Nico Schoenmakers, tijdens zijn werkbezoek aan de PDO High School in Mandalay in februari 2015. De inhoud vertegenwoordigt niet perse de mening of visie van het bestuur van de stichting. In het verslag komen vele namen voor. De belangrijkste zijn U Nayaka, hoofd van de PDO High School, Yi Mon, hoofdleidster van de woongroep The Golden House, Cho Cho en Tsai Tsai, stafleden van de woongroep en Nann Myint, manager van het bridging-programma.

ZONDAG 8 FEBRUARI 2015

MINDFUL

Twee weken in Myanmar staan voor de deur. Veertien dagen lang naar het weeshuisproject op de Phaung Daw Oo High School in de stad Mandalay. Ontelbare uren omringd worden door niets anders dan liefde, aandacht en hartelijkheid van de kinderen aldaar. Wie wil dat nou niet? Ik mag het en ik kan het. Het is mijn dertiende werkbezoek in zes jaar tijd. Ik dank de schoolleiding van mijn school in Veghel dat ik een week extra vakantie op mag nemen. Ja, ik werk er hard voor, maar toch…! Ik heb net een cursus Mindfulness achter de rug met een groep collega’s. Dat was erg leerzaam. In onze Westerse maatschappij rennen we maar door. We staan nooit eens even stil en lopen nergens meer écht warm voor. We zijn met drie dingen tegelijk bezig en in ons hoofd alweer met het volgende. En ik? Ik doe net zo hard mee. Met volle aandacht in het hier en nu zijn… ik ken het gevoel zo goed. Ik ervaar het elke keer opnieuw als ik op het project ben. Maar thuis lukt het me niet. Iedere keer als ik naar huis reis, neem ik me voor om de rust van Myanmar mee te nemen in mijn zijn, in mijn wezen, in mijn handelen. En dat lukt me dan best wel even… twee dagen om precies te zijn. En dan zit ik alweer in het oude ritme.

AANKOMST

Ik sta te wachten voor de paspoortcontrole op Mandalay International Airport. Om me heen staan Birmezen die even naar Thailand zijn geweest, wat zakenlieden, Europese toeristen met de Lonely Planet reisgids in de aanslag, klaar om Mandalay en omgeving te verkennen, een grote groep Chinese toeristen met vooral aandacht voor elkaar en een club jongelui in sportkleding. Zij hebben waarschijnlijk een wedstrijd gespeeld elders in Azië. Ik val niet op in het gemêleerde gezelschap. Ja, hooguit door mijn postuur en mijn snor. ‘Oelee Nakkamwee’ word ik hier gekscherend genoemd, oftewel ‘ome snor’.

KNUFFELEN

Wat heerlijk dat de laatste paar jaar in 24 uur ter plaatse ben. Vroeger moest ik via de hoofdstad Yangon reizen en kostte het me twee dagen. Als ik de ruimte van de bagagebanden inloop zie ik ze al staan: Yi Mon en Cho Cho, twee stafleden van The Golden House. Ze zwaaien enthousiast naar me en even leggen we onze handen tegen het glas. Het voelt koud aan, maar onze warme vriendschap straalt door het glas heen. Even later kan ik ze echt knuffelen, deze twee dames die me zo dierbaar zijn geworden. Telkens weer een mooi moment. We hebben elkaar een half jaar niet gezien. Ons contact verloopt tussendoor per mail, via Facebook en een enkele keer per telefoon.

BIJPRATEN

De rit naar de stad met het taxibusje naar de school duurt ruim een uur, maar de tijd vliegt voorbij. We hebben zoveel te bepraten. Natuurlijk willen ze weten hoe het met Flower (Frederique) is. Die is een beetje verdrietig, zeg ik. Ze kijken vol medelijden. Ik vertel dat Flower in de zomer weer meekomt. Ik ben uiteraard benieuwd naar de laatste stand van zaken in The Golden House, zoals we de woongroep noemen. De woongroep die inmiddels bestaat uit 160 weeskinderen, kinderen van etnische afkomt, kinderen die om een bijzondere reden uit huis geplaatst zijn en kinderen uit arme gezinnen, die hier op school de laatste twee leerjaren doorlopen en hopelijk slagen voor de middelbare school. De jongste in The Golden House is vijf jaar en de oudste is twintig. Er wonen nog zo’n veertig kinderen van het eerste uur. Kinderen die in mei 2008 overgebracht zijn naar de PDO High School nadat de cycloon ‘Nargis’ ze wees had gemaakt. Ik ken ze inmiddels al zes jaar en het zijn vriendinnen geworden, zoals veel van de kinderen en de stafleden natuurlijk. Tsi Pee Pee, noemen ze me, oftewel lieve papa. Frederique en ik zeggen wel eens voor de grap dat we 160 kinderen in Birma hebben. Maar zo voelt het wel een beetje. Het is een tweede thuis geworden.

HET WEERZIEN

Ik steek met Yi Mon en Cho Cho de straat over en loop naar de poort van het schoolterrein. Daar staan al twintig kleine kinderen te wachten. Ze rennen allemaal op me af en pakken me vast. In een lange sliert lopen we richting The Golden House. Daar komt iedereen even kijken. Ik moet gaan zitten en het duurt niet lang of ik ben omringd door wel veertig kinderen. Ik word bestookt met vragen, waarvan de belangrijkste wel is: ‘Where is Flower?’ Dan komen Elke, Sacha en Sharon binnen. De drie Pabo-studenten die hier drie maanden stage gaan lopen. We hebben als stichting contact gelegd met Fontys Pabo in Den Bosch en dit is het resultaat: drie stagiaires die op de PDO High School hun buitenlandstage lopen. Ze gaan maandag starten met Engelse lessen voor de kinderen van The Golden House en de Fast Track klassen. Ze zijn afgelopen donderdag gearriveerd en zijn blij om me te zien. Ze zitten vol indrukken en raken niet uitgepraat.

DE DOELEN VAN HET WERKBEZOEK

Yi Mon komt me halen om even naar U Nayaka te gaan, het schoolhoofd. Ook zijn broer U Yotika is er. Ik trek mijn schoenen uit en stap zijn kantoor binnen, waar het zoals altijd een tiental stafleden zitten te werken. Er zijn wel twintig kinderen meegelopen en die hebben ook Elke, Sacha en Sharon meegesleept. Terwijl ik binnen een informeel gesprek voer met U Nayaka, spelen de drie meiden buiten spelletjes met de kinderen. Yi Mon kijkt zo nu en dan naar buiten en lacht. ‘They are very active’, zegt ze. Gelukkig is de temperatuur zeer aangenaam. U Nayaka wil het onderwijssysteem in Nederland nog een keer uitgelegd krijgen. Ik vertel U Nayaka ook over het de drie doelen van mijn werkbezoek (1) Inrichten van een tweede bridging class, waar afgestudeerde jongeren uit The Golden House intensief Engelse les gaan krijgen. (2) Onderzoeken of we bij school en in samenwerking met school een guesthouse kunnen starten, waar jongeren een opleiding in toerisme kunnen krijgen. (3) Bekijken of we in de toekomst mogelijk iets kunnen verbeteren aan de woonsituatie van de etnische groep.

GASTENVERBLIJF

En uitbreiding van The Golden House, vraagt U Nayaka? Voorlopig niet, zeg ik. Hij doelt op een extra verdieping op The Pandaw House. Er zijn andere woongroepen die meer aandacht verdienen, zeg ik. Dat kan U Nayaka niet ontkennen. We hebben als stichting gezegd dat we voorlopig geen extra verdieping op de Pandaw House zullen plaatsen, want de woongroep barst al uit z’n voegen. Dat dit maar meteen duidelijk is. U Nayaka wil me het nieuwe gastenverblijf laten zien, dat gebouwd is op de plaats waar eerst het bamboehuis voor onze jongens stond. Ik weet niet wat ik zie: Een gebouw van twee verdiepingen met een stuk of acht gastenkamers. De derde verdieping is in de maak. Het ziet er goed uit. Hier kunnen buitenlanders slapen, die een tijdlang op de school actief zijn en een meditatievisum hebben. Anders mag je namelijk niet in een klooster(school) slapen. We spreken af dat we zo gauw mogelijk verder over de plannen gaan praten.

NANN MYINT

Dan staat Nann Myint voor m’n neus. Dat is de zus van onze hoofdleidster Yi Mon. Ik had ze niet meteen herkent met haar lange haren. Ik ken ze alleen met halflang haar tot op haar schouders. Goh, wat lijkt ze nu opeens op haar oudere zus. Ik vraag of dit de positieve invloed van haar vriend is en ik krijg gelijk een mep. Nee hoor, zegt ze lachend, dit heb ik helemaal zelf beslist. Nann Myint is één van de docenten in de eerste bridging class, die de Amerikaanse NGO New Education Highway vorig jaar met succes is gestart. Samen met deze organisatie, met Stichting Marcus uit Nederland en met Wilde Ganzen gaan we nu de tweede bridging class inrichten. In juli komen er twee Amerikaanse vrijwilligers een jaar lang lesgeven. Ze verzorgen ook train-de-trainer trajecten, zodat de lokale docenten daarna zelfstandig de klassen kunnen draaien. Nann Myint wil dat we even komen kijken naar het klaslokaal. Het ziet er netjes uit. Ze is er trots op. Frederique en ik hangen op een foto aan de muur. De foto is gemaakt toen we in juli haar ouders bezochten.

ETEN MET ELKE, SACHA EN SHARON

Daarna ga ik met Elke, Sacha en Sharon een hapje eten bij Ba Thou, een echt Birmees restaurantje vlakbij de school. Ze serveren er een soort salades met o.a. theebladeren, waterkers, limoen, kip, rundvlees en nog veel meer. Het is de eerste keer dat de meiden echt Birmees eten. Het smaakt ze best goed en het kost bijna niks. Hier zullen ze nog wel eens vaker naartoe gaan. Het is ook het favoriete stekkie van Ollie, de Duitser die al vier jaar op de PDO High School woont, en die hun begeleider wordt voor de lessen aan de Fast Track klassen. De dames raken niet uitgepraat over hun reis, de gastvrije ontvangst, de superaardige mensen, de hulp die ze overal krijgen en de lessen die ze gaan verzorgen. Ze zien het helemaal zitten. Ze slapen nog een paar nachtjes in een hotel, tot hun kamer op de PDO High School in gereedheid is gebracht.

BIJSLAPEN

Rond 21.00 uur zet ik ze af bij de schoolpoort en gaan de meiden slapen. Ik loop nog even terug naar The Golden House om te kletsen met de kinderen. We hebben een hoop lol samen. En dan is het voor mij ook tijd om te gaan slapen. Ik heb in de afgelopen veertig uur maar vijf uur geslapen. Ik pak mijn tassen uit en installeer alles in mijn kamer. Lekker even douchen en een stukje lezen in het boek ‘Koorts’ van Saskia Noort, dat Frederique heeft meegegeven. Het duurt niet lang tot mijn ogen dichtvallen en ik aan een welverdiende slaap begin.

MAANDAG 9 FEBRUARI 2015

REISBUREAU NICO

Ik word wakker van de wekker. Mijn lijf voelt aan alsof het nog wat uurtjes slaap had kunnen gebruiken. Mar ik heb beloofd om voor 10.00 uur aan het ontbijt te zitten. Dat wordt geserveerd op een met riet overdekte vlonder aan het water. Het uitzicht is er fraai en je hebt geen idee dat je midden in een drukke miljoenenstad. Naast me zitten twee oudere dames uit Duitsland. Ze komen net uit de hoofdstad Yangon en willen nu twee dagen in Mandalay blijven. Of ik een foto van ze wil maken. Twee dagen in Mandalay is echt veel te kort, zeg ik, terwijl ik een paar foto’s knip. En voor ik het weet zit ik een uur lang reistips te geven, kaartjes te tekenen en adressen op te schrijven. Zou ik dat guesthouse hier misschien toch samen met Frederique moeten gaan runnen? De rol van reisgids gaat me best goed af. Zo goed zelfs dat de twee dames na het ontbijt meteen aan de hoteleigenaar vragen of ze nog een paar nachten kunnen bijboeken. Ondertussen geniet ik van nam ja. Dat is traditioneel Birmees brood. Het is een kruising tussen Indiaas naan brood en een pannenkoek. Omeletje erbij met tomaat en ui, aardbeienjam, verse papaja en een groot glas sinaasappelsap. Een goed begin van de dag. Ik probeer het mindful op te eten. Dat klinkt interessant, maar betekent niet meer of minder dan: met aandacht. Ik spreek ook even met één vrijwilligers van Förderverein Myanmar, die een Engelse training geeft. Daarna maak ik een beginnetje met mijn reisverslag en loop dan net na de middag naar The Golden House.

PAM & RICHARD

Op het schoolterrein kom ik een jong stel uit Australië tegen. We raken aan de praat. Pam heeft vorig jaar drie weken lesgegeven op de PDO High School en heeft nu haar vriend Richard meegenomen. Ik vertel ze wat ik hier zoal doe en vraag of ze al in The Golden House zijn geweest? Even later zitten ze volop spelletjes te doen met onze kinderen en hebben ze een leuke middag.

GROEPSUITBREIDING

Ik heb een uitgebreid gesprek met Yi Mon. De woongroep blijkt weer uitgebreid te zijn. Met name in het nieuwe meisjeshuis wonen veel te veel kinderen. Sommigen slapen ’s nachts op de tafels in de recreatieruimte, omdat de vier slaapruimtes overvol zijn. Een bijkomstig probleem is dat er te weinig toiletten zijn. In het nieuwe huis hebben we twee toiletten en twee douches laten bouwen. De douches worden vrijwel niet gebruikt. De meisjes wassen zich liever buiten op de wasplaats, waar ze met een teiltje water uit de grote waterbakken scheppen. Dat zijn ze zo gewend in de dorpen waar ze vandaan komen. Yi Mon vraagt of het mogelijk is om van de opbergkast een extra toilet te maken. Ik beloof haar dat we dat laten berekenen door de schoolarchitect Chan Chan. Yi Mon en de kinderen kunnen er verder ook niks aan doen dat het schoolhoofd U Nayaka maar nieuwe kinderen blijft aannemen. En dat is niet alleen in The Golden House het geval. Alle woongroepen puilen uit van de kinderen. We weten al heel lang dat bij U Nayaka kwantiteit gaat boven kwaliteit. Zijn expansiedrift is een groot probleem. Ik neem mezelf voor om daar opnieuw een gesprek over te hebben met hem. En ik weet ook dat hij naar me zal luisteren en vriendelijk zal knikken en er niks mee zal doen.

DE EERSTE ENGELSE LES

Tegen 16.00 uur komen Elke, Sacha en Sharon binnen. Ze gaan de eerste Engelse les verzorgen voor de kinderen van The Golden House. Yi Mon heeft geïnventariseerd wie er wil deelnemen. Maar liefst veertig meisjes willen meedoen. Ze steken over naar het schoolgebouw. Even later komt Sacha terug en vertelt dat er maar twintig kinderen zijn. Yi Mon roept naar boven en één voor één komen de meisjes naar beneden. Ze waren zich nog aan het wassen. Op tijd komen zit er sowieso niet zo in hier in Myanmar. Opeens zijn er toch een paar jongens die mee willen doen. Ik vraag haar waarom er niet meer jongens meedoen? Die zijn te verlegen, zegt Yi Mon. Ik zeg: Ik zal er morgen eens een stel aanspreken en meenemen, zeg ik. Yi mon knikt instemmend.

INDELING OP NIVEAU

Ruim een uur later komen de meiden weer terug. Ze schuiven even aan in het kantoor van Yi Mon. Ze vertellen enthousiast dat er uiteindelijk 51 kinderen zijn gekomen. Dat moeten uiteindelijk drie groepen worden, verdeeld over drie niveaus. De meiden zijn geschrokken van het gemiddelde niveau. Yi Mon zegt dat er best wat kinderen zijn die redelijk wat Engels kennen, maar nog te verlegen zijn om te reageren. We besluiten dat Yi Mon zal helpen om de groep in drieën te splitsen. Zij heeft aardig in beeld wat de niveaus zijn. Maar dat Elke, Sacha en Sharon hun verwachtingen een beetje naar beneden moeten bijstellen, is duidelijk. Ze gaan daar gelukkig goed mee om.

AANTREKKELIJK ONDERWIJS

Ze vertellen ook over de eerste les die ze ’s morgens in de FT-klassen verzorgd hebben. Ze zijn alle drie gekoppeld aan een verschillende leerkracht. Elke heeft het niet zo getroffen. De docent die lesgeeft aan groep 3 is ontzettend lief voor de kinderen, maar kan niet lesgeven en geen orde houden. De kinderen vouwen vliegtuigjes in de klas, zitten te kletsen met elkaar en letten niet op. Maar ja, zegt Elke, de opdracht was dan ook supersaai. De kinderen moesten 50 keer de Engelse woordjes Cloud en Rain opschrijven en dat was de hele les. Elke heeft met de docent afgesproken dat ze samen gaan bekijken wat ze de komende tijd gaan doen om de kinderen te motiveren. Eigenlijk is het goed dat dit gebeurt, want nu zal de docent ervaren hoe je je lessen wel aantrekkelijk kunt maken voor jonge kinderen. Laat dat maar aan Elke over!

RESTAURANT QUEEN

Om 17.30 uur loop ik met de meiden naar Queen, een fancy restaurantje midden in de volksbuurt ten noorden van PDO. Ik heb daar vorig jaar eens met Nann Myint gegeten. De weg is een heel stuk opgebroken en nieuwe stenen zijn gestort, waarover de asfalt aangebracht worden. De meiden lopen op teenslippers en zo nu en dan hoor ik ‘au’ en ‘aaah’. Ik moet echt wennen aan die teenslippers, zegt Elke lachend. Ze kijken hun ogen uit in de volksbuurt. We zijn met onze lengte en huidskleur een echte attractie. Het eten is lekker en toegankelijk. Het lijkt op het Chinees eten dat we thuis zouden klaarmaken. We bestellen vier gerechten en delen die met elkaar. Ik laat ze zelf de weg terugvinden naar PDO, want ze zullen na mijn vertrek ook zelfstandig de restaurantjes terug moeten kunnen vinden. Mooi om te zien wie er welke rol pakt in bepaalde situaties. Dat begint zich al aardig af te tekenen na een paar dagen.

DINSDAG 10 FEBRUARI 2015

BOODSCHAPPENLIJST

Eind van de ochtend spreek ik met Yi Mon de boodschappenlijst door. Voor mijn vertrek maakt ze altijd een uitgebreide inkooplijst, zodat ik de juiste hoeveelheid geld mee kan nemen. Ze heeft ditmaal behoefte aan schoonmaakspullen, slaapmateriaal, keukengerei, toiletartikelen, schooluniformen, schoolboeken en -schriften, kleding, slippers, matrasjes, ventilatoren, een tv voor het jongenshuis en een nieuwe dvd-speler voor het meisjeshuis. Sommige zaken moet ze zonder mij kopen, omdat de winkels met mij erbij hogere tarieven zouden hanteren. Andere zaken kunnen we wel samen kopen. Die hebben namelijk een vaste prijs. Ik geef Yi Mon ook de rugzak met de cadeautjes voor de kinderen, die meegegeven zijn door de sponsorouders. We hebben weer zoveel gekregen dat we ook de kleine kinderen die geen sponsorouders in Nederland hebben iets kunnen geven. Zo ontstaat er geen jaloezie.

HET STUDENTENLEVEN

Om 17.30 uur ga ik met Elke, Sacha en Sharon eten in een nieuw Thais restaurantje in de 19th street. Het is een leuk klein tentje en het ziet er schoon uit. Niet onbelangrijk hier, want ziek worden wil je niet. De meiden vertellen honderduit over hun studententijd. Elke is met twintig studenten en een paar docenten naar Istanboel geweest. Daar hebben ze elke avond een feestje gebouwd. Ze heeft nu nog contact op Facebook met een aantal Turkse vrouwen uit Nederland, die er toen ook toevallig waren. Die hebben ook stevig mee gefeest. Leuk om die verhalen te horen. Het eten is heel toegankelijk. Het vlees is tamelijk lang gefrituurd en een beetje taai, maar de smaak is goed.

SHOPPING CENTRE

Na het eten lopen we naar de nieuwe overdekte supermarkt in de 19th street, vlakbij de paleismuur. Een half jaar geleden stond hier nog niks. Nu komt de Chinese muziek ons tegemoet en lopen we beneden langs allerlei fancy winkeltjes. Boven is er een supermarkt zoals de Supermarche in Frankrijk. Werkelijk alles is er verkrijgbaar. Zelfs melk, yoghurt, brood, kaas en pindakaas. De prijzen zijn twee tot vier keer zo hoog als in Nederland. Blijkbaar is de omzet goed genoeg om dertig man personeel te laten rondlopen. Het zijn uiteraard jonge, goedkope arbeidskrachten. Wat een winkel is dit. Ik koop er smeerkaas (la vache qui rit), frambozenjam en een groot blik suikerpinda’s.

BRIDGING CLASS

Om 19.30 uur heb ik een bespreking met Nann Myint over de nieuwe bridging class. We zijn als stichting gevaren op haar informatie en ervaringen, die ze een half jaar geleden met mij gedeeld heeft. Inmiddels heeft ze met zes andere docenten weer een half jaar bridging gedraaid. De derde termijn zit erop. Nann Myint is anderhalf jaar gelden gestart met deze bridging class, samen met Bradley uit de VS. Een Amerikaanse stichting, met de naam New Education Highway (NEH), had destijds laptops geleverd met een lesmethode voor de Pre College Class. Nann Myint is die ook gaan gebruiken voor haar bridging class. Pas later is de Amerikaans vrijwilligster Paula Osborn gekomen en is samen met de lokale docenten de lessen gaan verzorgen. Nann Myint heeft op eigen initiatief het lesprogramma uitgebreid. Het is niet meer alleen taalles, maar er zijn ook lessen over maatschappelijke onderwerpen, waarbij kritisch denken en discussie centraal staat. Daarvoor heeft Nann Myint het een flink deel van het curriculum ontwikkeld. Knap werk! Ze blijkt dit al anderhalf jaar te doen met alleen basissalaris en zonder extra projectsalaris. De andere zes bridging-docenten werken ook in het PCP-programma en krijgen van daaruit wel projectsalaris.

DE ZORGEN VAN NANN MYINT

Als ik vertel dat New Education Highway in juli een projectcoördinator en een docent wil sturen, schiet Nann Myint vol. Het duurt een hele tijd voordat ze onder woorden kan brengen wat ze voelt en denkt. Ze is met name enorm teleurgesteld in het feit dat U Nayaka maar blijft zeggen dat hij geen geld heeft voor dit programma, terwijl de Bridging Class zulke verantwoordelijke en positief-kritische stafleden aflevert voor de school. ‘Hij koopt wel een nieuwe auto, een stuk land voor zijn universiteitsplannen en zet nieuwe gebouwen neer’, zegt ze bedroefd. Ik vraag Nann Myint of zij wellicht de projectcoördinator wil zijn? Ze knikt instemmend. ‘Ik heb liever dat NEH een goede docent stuurt dan een projectcoördinator’, zegt ze. ‘Die kan zich dan focussen op het ontwikkelen van meer curriculum en een visie op de taallessen. En ik kan me dan bezighouden met het curriculum voor de maatschappelijke lessen.’ Verder geeft ze aan dat het materiaal op de laptops van NEH vooral geschikt blijkt voor level 1 en 2 en niet voor level 3, 4 en 5. Daarnaast is het vooral bedoeld voor zelfstudie en is het niet zo bruikbaar voor de klassikale lessen. Daarvoor heeft Nann Myint de lessenplannen zelf geschreven. We spreken af dat we deze week samen een lange mail schrijven naar NEH. We zullen duidelijk en eerlijk aangeven hoe we het graag willen organiseren. De lesmethode is volgens Nann Myint onvoldoende doorontwikkeld en de twee stafleden van NEH, Van en Sylvia, zijn geen docenten maat softwareontwikkelaars. ‘Het project heeft vooral behoefte aan een echte docent, een native speaker, die me kan helpen met het ontwikkelen van lessenplannen.’ De boodschap van Nann Myint is duidelijk. Van de ene kant is het jammer dat we dit nu pas weten, maar van de andere kant: het is nog niet te laat om onze strategie wat te wijzigen. Wat ik zeker ga doen is met U Nayaka een gesprek voeren over het betalen van Nann Myint voor haar diensten. Haar talenten, passie en verantwoordelijkheidsgevoel moeten extra beloond worden.

BRADLEY

Nann Myint vertelt me tot slot nog iets verrassends: Bradley is terug op de PDO High School. Bradley is een gepensioneerde man uit de VS, die ik vorig jaar februari heb ontmoet. Hij was op dat moment een documentaire aan het maken in het Nationale Theater van een dansopleiding. Ik heb uitgebreid met hem gesproken en ik heb ook de dansvoorstelling bezocht, samen met Nann Myint. We hadden echt een klik samen. Bradley is daarna gaan lesgeven op de PDO High School en heeft, zoals ik hiervoor al schreef, samen met Nann Myint de bridging classes opgezet. Hij is april vertrokken, na een conflict over beloningen en projectbudget. Ik verheug me erop om hem weer te ontmoeten. Misschien kan hij ook helpen om het bridging-project tot een succes te maken.

WOENSDAG 12 FEBRUARI 2015

BRIDGING CLASS NIVEAU 3

De wekker gaat om 6.30 uur. Dat is twee uur eerder dan de afgelopen dagen. Dat valt niet mee. Ik eet snel een banaantje en wat sultana’s en ga dan naar het klaslokaal van de bridging class. De jongeren van niveau 3 krijgen er vanochtend les van Lena uit Groot-Brittanië. Ze is eigenlijk van Spaanse afkomst en geeft sinds een week les aan deze groep gemotiveerde leerlingen. Vanmorgen moeten ze elkaar twintig vragen stellen en steeds iemand vinden die de vraag met ja beantwoord. Uiteraard allemaal in het Engels. Bijvoorbeeld: Vind jij geld belangrijker dan gezondheid? Na het overschrijven van de vragen en de instructie van Lena, staan ze allemaal op en gaan klasgenoten de vragen stellen, in de hoop dat ze iemand vinden die met ‘ja’ antwoord. Dat gaat ze goed af. Maar het zijn ook al studenten van niveau 3. Eén vraag blijft onbeantwoord: Lijkt de orang-oetans volgens jou het meeste op de mens? Niemand heeft kennelijk ooit van deze apensoort gehoord. Het gaat er natuurlijk om de vraag op de correcte manier te stellen en het antwoord op de juiste manier te formuleren. Er wordt goed gewerkt door de klas. Ook andere oefeningen gaan goed. Ik maak de nodige foto’s en geef mijn ogen en oren goed de kost.

CONVERSATIEKLAS 1

Na de eerste groep ga ik snel ontbijten in het hotel. Ik heb gisterenavond smeerkaas en jam gekocht, dus het ontbijt smaakt me extra goed. De tweede groep is een conversatieklas en het is een mix van niveau 1 en 2. De les wordt verzorgd door Lya. Ze is een gepensioneerde lerares uit de VS. Alle jongeren krijgen een set van acht kaarten, die tezamen een stripverhaal vormen. Er moet allereerst gediscussieerd worden over de volgorde van de kaarten. Daarna over het verhaal dat uitgebeeld is. Dat moet opgeschreven worden en tot slot moet elke groep het verhaal voor de klas vertellen. Uiteraard allemaal in het Engels, met zo min mogelijk Birmees er tussendoor. Je merkt dat het niveau van deze groep een stuk lager is, maar het gaat ze best goed af.

CONVERSATIEKLAS 2

De derde klas die ik bezoek is een conversatieklas met als docent Bradley. Hij is blij verrast om me te zien en ik krijg een Amerikaanse Hug. Hij heeft een programma waarmee teksten uit boeken voorgelezen kunnen worden. De jongelui mogen niet meelezen, maar wel aantekeningen maken. Daarna gaat hij met ze in gesprek en checkt hij of ze de teksten goed begrepen hebben. Het zijn best ingewikkelde teksten over produceren en consumeren in onze toekomstige wereld. Interessante stof om over te fantaseren, maar de teksten moeten uiteraard wel begrepen worden. Dit klasje bestaat maar uit vijf leerlingen, waaronder Nann Myint, maar ze doen fanatiek mee. Na afloop van de les praat ik met Bradley uitgebreid over de plannen om de bridging class te gaan ondersteunen. Hij is echt heel blij om dat te horen. Tot nu toe is het qua budget een ondergeschoven kindje, terwijl het loopt als een tierelier.

LUNCH ZONDER ELKE

Tijdens de middaglunch ontmoet ik ook Ollie weer. Die woont hier al vier jaar en geeft les in en leiding aan de Fast Track klassen. De leerlingen in die klassen krijgen alle lessen aangeboden in het Engels, van jongs af aan. Ook lerares Amy schuift aan, alsmede Sacha en Sharon. Waar is Elke, vragen Ollie en ik in koor? Ziek, zeggen de dames. Ze werd om twaalf uur vannacht wakker en heeft sindsdien elke anderhalf uur overgegeven. Als dat niet snel overgaat, moet ze wel naar de dokter gaan, geeft Ollie aan. Hij praat nog even op Sacha en Sharon in dat ze haar echt mee moeten nemen naar de schoolkliniek. De lunch is heerlijk. Twee van de docenten zijn vegetarisch, dus de kokkin heeft geprobeerd om ditmaal alles vegetarisch te maken. En dat is goed gelukt. Ik praat Ollie ook bij over de bridging class en loop dan terug naar The Golden House. Samen met Yi Mon loop ik even later naar het kantoor van het schoolhoofd U Nayaka. Daar maken we nog even een printje van de onderhoudslijst voor de gebouwen, die we gisteren opgesteld hebben. Die print zullen we straks overhandigen aan de schoolarchitect, zodat er een begroting gemaakt kan worden. En dan is het tijd voor de eerste officiële meeting met U Nayaka.

MEETING MET U NAYAKA

U Nayaka is opgewekt. Ik hoop dat dit zo blijft, want naast een aantal positieve berichten ga ik hem ook het vuur aan de schenen leggen. Ik begin met wat positieve berichten. Ik vertel hem dat we vrijdagavond samen met alle jongens het hele Golden House terrein schoonmaken. Ik vraag hem of we alles op de vuilnistruck mogen gooien. Hij knikt instemmend. Maar niet het afvalhout, zegt hij, want dat kun je voor het koken gebruiken. Daar had ik nog niet aan gedacht. Ik vertel hem dat we donderdagavond een meeting hebben met Nyein Chan. Hij is het meest verantwoordelijke staflid van het jongenshuis. Veel jongens in de Pandaw House gaan veel te laat naar bed, sommige jongens slaan lessen over en lang niet altijd verrichten ze hun taken. Yi Mon mag zich ’s avonds niet meer vertonen in het jongenshuis. Ze kan de kinderen er dus onvoldoende op aanspreken. Als Nyein Chan haar rechterhand wordt in het jongenshuis dan kan ze met hem goede afspraken maken, die dan weer gedelegeerd worden richting de andere stafleden in het jongenshuis. We denken op deze manier de boel wat strakker geregeld te krijgen. U Nayaka vindt het een goed plan.

BASISBENODIGDHEDEN EN ONDERHOUD

Ik vertel U Nayaka ook dat we zoals altijd zullen investeren in de dagelijkse benodigdheden voor The Golden House. ‘Thank you, Nico’, zegt hij. Ik vertel hem ook dat we samen met onze Australische sponsor Brian Pringle voor het onderhoud van de gebouwen zullen zorgen. De schoolarchitect zal een begroting maken en we zullen de kosten delen met Brian. Huis 1 moet aan de binnenzijde nodig geschilderd worden. Dat geldt ook voor de Pandaw House. Verder wil Yi Mon graag een extra toilet en wasbakken in de Pandaw House. Verder zijn er wat zaken kapot, zoals ramen, ventilatoren en schakelaars. Dat moet uiteraard gerepareerd worden. U Nayaka is blij met deze toezegging. Hij wil er meteen de schoolarchitect bijhalen, maar we geven aan dat we dat al geregeld hebben.

BRIDGING CLASS

Tja, en dan een zwaarder onderwerp. Ik vertel hem over de plannen voor de bridging class. Ik geef aan dat ik uitgebreid met Nann Myint gesproken heb. We willen het huidige klaslokaal helemaal upgraden tot een volwaardig modern leslokaal met het juiste meubilair en met de juiste apparatuur. We willen ook een eigen internetverbinding en wifi. We willen bij New Education Highway aangeven dat we wel geïnteresseerd zijn in hun lesmethode, maar dat we gemerkt hebben dat die niet toereikend is. We vinden het prima als zij de laptops aanschaffen en deze zomer meenemen naar PDO, maar de laptops mogen niet geblokkeerd worden. We willen namelijk ook andere software en lesmethodes kunnen installeren. Daar beschikt de school al over. Verder willen we aangeven dat we graag een docent willen uit de VS, die kan helpen met het ontwikkelen van curriculum voor de Engelse lessen, maar dat we geen projectcoördinator nodig hebben, omdat Nann Myint die rol al heeft en wil voortzetten. Zij zal ook het curriculum blijven ontwikkelen voor de conversatielessen, waarin gesproken wordt over allerlei maatschappelijke onderwerpen. U Nayaka vindt het een goede opzet. Ik geef aan dat we ook de kosten voor twee docenten hebben mee begroot. Daar wordt hij extra enthousiast van.

DE BELONING VAN NANN MYINT

Zijn stemming slaat echter om als ik aangeef dat Nann Myint dan eindelijk betaald kan krijgen voor haar inzet. Ze heeft de afgelopen anderhalf jaar alles gedaan voor slechts een basissalaris. Ze heeft voor al haar inspanningen en verantwoordelijkheidsgevoel nooit iets extra’s gekregen. U Nayaka doet daar een beetje lacherig over, maar ik geef aan dat ik dat ongepast vind. Misschien heeft Nann Myint niet dezelfde opleiding genoten als sommige andere docenten op deze school, maar ze is wel een betrouwbaar en verantwoordelijk persoon en heeft veel talenten wat betreft lesgeven en het ontwikkelen van lesmateriaal. En het wordt tijd dat ze daarvoor beloond wordt. Ik geef aan dat Bradley en ik haar graag als projectcoördinator zien en dat ze vanuit die rol extra salaris kan krijgen, zoals alle andere docenten op de school die extra taken vervullen. Daar is U Nayaka het gelukkig mee eens. Hij geeft me de vrije hand om het verder zo in gang te zetten. Ziezo, dat heb ik duidelijk gemaakt en geregeld!

GROEPSUITBREIDINGEN

Hij vraagt of we nog plannen hebben om een extra verdieping op de Pandaw House te zetten. Ik geef aan dat we dat vooralsnog niet willen. Dat is een mooi bruggetje naar het enorm gestegen aantal kinderen in onze drie huizen. En dan met name in huis 2. Daar slapen op dit moment 140 meisjes. Enkelen slapen zelfs op het meubilair beneden. Ik wil van hem bevestigd krijgen dat deze meisjes naar de nieuwe verdieping van de Girls Dormitorty gaan.’ Ja’, zegt U Nayaka, ‘maar dat kan pas als het nieuwe guesthouse voor de buitenlanders klaar is. Daar wordt nog driftig aan gewerkt, zodat de buitenlanders nu zolang op de nieuwe verdieping op de Girls Dormitory slapen. Everything will be different, when the new school year starts in June.’ ‘Echt waar’, vraag ik een beetje cynisch? ‘Nieuwe kinderen zullen met hun ouders aan de poort staan en ga je die dan weigeren?’ U Nayaka lacht een beetje ongemakkelijk. Ik druk hem op het hart dat hij in juni niet meer dan 80 tot 90 kinderen in huis plaatst. Het lijkt nu wel een vluchtelingenkamp. Dit kan echt niet. En daarbij komt dat Yi Mon en haar staf het ook moeten kunnen handelen. En daarom willen we vooralsnog geen nieuwe verdieping op de Pandaw House plaatsen. Laat eerst maar eens zien dat het aantal kinderen echt gereduceerd wordt. U Nayaka knikt dat hij de boodschap begrepen heeft. We zullen zien…

EEN HOTELLETJE MET BEROEPSOPLEIDING

Het laatste onderwerp vanmiddag is een luchtiger onderwerp. Ik vertel U Nayaka dat we als stichting plannen hebben om een kleinschalig hotelletje op te zetten, gecombineerd met een beroepsopleiding voor afgestudeerde jongeren uit The Golden House. Ze kunnen on the job leren hoe hotelmanagement werkt, hoe je als gids kunt werken, wat er bij een hotel andere taken komen kijken, zoals koken, tuinieren en administratie. Ik geef aan dat we klein willen starten, maar wel volgens westerse maatstaven. We denken aan houten huisjes, van alle gemakken voorzien, in een groene omgeving. Een soort dorpje midden in de stad, net zoals The Golden Mandalay Hotel waar ik altijd verblijf. Dat kent U Nayaka wel. Ik geef aan dat we het onder onze supervisie willen laten runnen door iemand van hier en dat we vanuit Nederland kansen zien voor professionele begeleiding van de studenten. We zouden klein willen starten, met bijvoorbeeld vijf huisjes en de eerste twee jaar de winst terug laten vloeien in het project, zodat het hotelletje uitgebouwd kan worden tot zo’n tien huisjes. U Nayaka zit op het puntje van zijn stoel. ‘Waar wil je dat dan doen’, vraagt hij? Ik zeg: ‘Hier in de stad. Maar… als wij als stichting land moeten kopen is dit niet realiseerbaar. Land is namelijk erg duur in Mandalay. Heeft PDO nog een vrij stuk land in de stad?’ ‘Ja’, zegt U Nayaka, ‘hier ongeveer 1 kilometer vandaan, ten noorden van de school, maar wel in de stad. Het is ongeveer zo groot als de schooltuin.’ ‘Dat zou perfect zijn’, zeg ik tegen U Nayaka. ‘Ga deze week eens kijken, samen met onze schoolarchitect Chan Chan en Yi Mon’, zegt U Nayaka. ‘Dan praten we er begin volgende week eens verder over. Dan kan ik er intussen ook eens mijn gedachten over laten gaan.’ ‘Doe ik’, zeg ik. En daarmee sluiten we ons overleg af.

U NAYAKA’S AUTO LENEN

Teruglopend naar zijn kantoor vraag ik hem nog om een gunst. Of we zaterdag of zondag zijn auto met chauffeur mogen meenemen om met Elke, Sacha en Sharon naar de ouders van Yi Mon en Nann Myint te gaan. ‘No problem, I will arrange’, zegt hij lachend. Dat vind ik zo mooi aan U Nayaka: We kunnen elkaar op scherp zetten tijdens overlegsituaties, maar daarna kunnen we ook gewoon weer lachend verder. Als ik met Yi Mon richting The Golden House loop, vraag ik haar of ik niet te direct ben geweest. ‘Nee’, zegt Yi Mon, ‘je bent gewoon heel duidelijk geweest en hij ook. Dat waardeert hij wel. Hij heeft al met heel veel buitenlanders samengewerkt.’ ‘Okay, mooi’, zeg ik tevreden.

BRIDGING CLASS NIVEAU 1

Ik pak mijn fotocamera en ga de laatste bridging class van vandaag bijwonen. Het is de groep met niveau 1. Ze hebben in groepjes een continent toegewezen gekregen. De lokale docent heeft een zestal flappen volgetekend. De jongeren hebben alle informatie die ze konden vinden op de flappen geschreven. In groepjes moeten ze voor de klas vertellen over hun continent. De anderen mogen vragen stellen. Ik doe vrolijk mee en vertel hier en daar iets wat ik toevallig weet. Een erg leuke en leerzame opdracht. Je kunt merken dat dit niveau 1 is. De jongeren spreken nog redelijk onverstaanbaar Engels en hebben moeite om goedlopende zinnen te maken. De lerares doet het goed. Leuk om dit ook meegemaakt te hebben. Ik heb nu een goed beeld van de bridging classes en kan morgen samen met Nann Myint het projectplan en de begroting herschrijven.

ZIEKENBEZOEK EN AVONDETEN

Sacha en Sharon hebben boodschappen gedaan en willen de avond bij Elke doorbrengen. Ik ga samen met Yi Mon even kijken. Ze voelt zich al een stuk minder misselijk, maar kan nog niks binnenhouden. Ze wil het nog een nacht aankijken, voordat ze aan de medicijnen gaat. Ik ga snel wat eten in het hotel, want om 19.00 uur ga ik met Yi Mon en een aantal kinderen groente kopen op de grote nachtmarkt aan de rivier. Kip met cashewnoten en groente, wordt de maaltijd die ik in het hotel eet. Nadien bedank ik de dochter van de hoteleigenaar. Ik stel haar voor dat ze maar een restaurant moet openen. Goh, wat kan zij heerlijk koken. Ze straalt van het compliment dat ik haar geef.

DE NACHTMARKT

Yi Mon komt voorrijden. Ze rijdt nog niet zelf, hoewel ze zojuist haar rijbewijs heeft gehaald. Maar dat was in een kleinere pick-uptruck met een ander schakelmechanisme. En daarbij: het is donker en het is nog een drukte van jewelste op straat. We rijden naar een markt waar ik nog nooit ben geweest. Er zitten wel 500 mensen onder een afdak, onder zeiltjes en aan de straatrand groente te verkopen. Ze kennen Yi Mon, want ze komt er tweemaal per week. Ze koopt normaliter voor drie tot vier dagen groente. Maar wel ik grote hoeveelheden. Wat een verkeersopstopping en wat een vervuilde luncht hier. En dat elke avond opnieuw, 365 dagen per jaar. Yi Mon koopt 30 pompoenen, een enorme zak bonen, bossen met groente voor de soep en nog veel meer. Daarna halen we nog een enorme zak aardappels op een markt waar ik al eerder ben geweest.

PLEZIER MAKEN MET DE KINDEREN

Terug bij The Golden House plof ik neer op een bankje. Het was een lange en intensieve dag. Thu Zar Win, Aein Thitsar Shin, Thet Thet Swe, Htet Htet Lin en Ei Thandar Kyawt komen bij me zitten. Het zijn grote meiden van 17 tot 20 jaar oud. Ik vraag ze wat ze later willen worden en ze vertellen over een hun dromen. Yi Mon roept: ‘Wat denk je, hebben ze al een boyfriend?’ Ik ga het hele rijtje af en maak allerlei grapjes in het Engels en het Birmees. Ze doen hetzelfde en we liggen samen in een deuk. Ik leer weer een paar geweldige uitdrukkingen. De meest bruikbare is wel: Haa Thaa Mee Low Nè. Dat betekent zoveel als: Ik vind dit geen grap. Erg handig, als je voor de gek gehouden wordt! Dan zeg ik dat Yi Mon vast en zeker ook wel iemand leuk vindt en dat ze die elke dag met een verrekijker bespioneerd. En als hij dan kijkt dan doet ze snel de verrekijker weg. Ik doe het even voor en ze komen niet meer bij. Vervolgens willen ze weten of Flower me mist en of ze goed voor haarzelf zorgt? Ik vertel de meiden dat ik altijd kook. Ik vraag ze wat ze denken dat Flower nu ’s avonds eet? Ik vertel wat over maaltijdsalades, broodjes en soep op de bank en eten bij haar zus en haar vader. Dat vinden ze allemaal heel interessant. Maar waar ze de andere zeven avonden zal eten, krijgen ze niet geraden. Totdat Thet Thet Swe zegt: ‘Bij vrienden, misschien?’ Ik zeg: ‘Yes! She just invites herself and they cook for her.’ Ze liggen dubbel. Ik vertel dat Flower een gezellige tafelgast is en daar kunnen ze zicht wel iets bij voorstellen. En dan is het 22.30 uur en tijd om terug te gaan naar het hotel. Ze brengen me allemaal naar de schoolpoort en wensen me een goede nacht.

DONDERDAG 12 FEBRUARI

DE NIEUWE BEGROTING

Ik heb om 9.00 uur met Nann Myint afgesproken op het terras van het hotel om de begroting van de bridging class aan te passen. Nann Myint is enthousiast dat haar project nu eindelijk de status krijgt die het verdient. We hebben het over tafels, stoelen, een bureau, laptops, koptelefoons, speakers, kopieerapparaat, beamer, projectiescherm, flip-over, kast, airconditioning, gordijnen, tralies en kantoorartikelen. Thu Wai, de vriend van Nann Myint, is er ook bij en belt rond voor de juiste tarieven en maakt een lijst met winkels die we morgen moeten bezoeken. Na een uurtje of twee puzzelen hebben we het netjes op een rijtje staan. Er blijf ook nog geld over voor de lopende kosten in projectjaar 2. Verder praten we nog eens over de mogelijke rol van New Education Highway en de salarissen van de betrokkenen. We spreken af dat we morgen om 9.00 uur met de pick-up truck van de school naar het centrum rijden.

LUNCHEN MET DE MEIDEN

Als ik om 12.00 uur het schoolterrein oploop, kom ik Elke, Sacha en Sharon tegen. We besluiten om aan de overkant van de straat in de teashop te gaan eten. ‘Ze hebben er lekkere pannenkoekjes’, zeg ik. Maar ook internet, zodat de dames de berichtjes op hun telefoon kunnen bekijken. ‘Het thuisfront had al een reisverslag verwacht’, zeggen de dames, ‘maar dat kan volgens de meiden nog wel even duren.’ De pannenkoekjes blijken niet de zoete te zijn, die ik vorige keer had, maar de variant met zoute kikkererwten. Maar ook die gaan er goed in. Alleen Elke durft het nog niet aan. Ze voelt zich gelukkig al een stukje beter. We hebben genoeg te bepraten, want de meiden zitten vol indrukken.

GESPREK MET BRADLEY

Rond 14.00 uur zijn we uitgepraat en uitgegeten en loop ik terug naar het hotelletje. Op mijn kamer schrijf ik een eerste aanzet voor de mail aan Van en Sylvia van New Education Highway. Al schrijvende bedenk ik dat het een goed idee is om mijn opzet door Bradley te laten lezen. Ik pak mijn laptop onder mijn arm en loop naar The Golden House. Na enkele telefoontjes weet Yi Mon me te vertellen in welke kamer in het schoolgebouw Bradley verblijft. Een van de meisjes uit The Golden House brengt me er naartoe. Ze werkt in de schoolreceptie en zorgt ervoor dat buitenlanders kamers toegewezen krijgen. Bradley heeft alle tijd voor me en al gauw zitten we geanimeerd te overleggen. Ik leg hem uit dat ik een beetje in een tweespalt zit. Aan de ene kant wil ik New Education Highway niet passeren, aan de andere kant wil ik dat Nann Myint de projectcoördinator wordt. We besluiten om nog even te wachten met de mail richting Van en Sylvia. We gaan drie dingen doen: Een goed gesprek voeren met z’n drieën en Nann Myint vragen wat ze nu exact wil. Daarna gaan we een gesprek voeren met de Nann Myint en haar zes docenten over het wel dan niet gebruiken van de NEH-methode. Daarna kunnen we Van en Sylvia mailen. En het derde wat we gaan doen is een gastles opzetten voor de afgestudeerde jongeren van The Golden House, die nog niet naar de bridging class gaan. Op die manier hopen we ze te prikkelen. Onbekend maakt onbemind. Ik dank Bradley heel hartelijk voor zijn medewerking. Op mijn beurt zeg ik hem toe dat hij van het nieuwe klaslokaal gebruik mag maken als het vrij is. Hij gaat een project opzetten waarbij jongeren intensief Engels leren en uiteindelijk het internationaal erkende IELTS-certificaat kunnen behalen.

DINEREN ET OLLIE

Als ik om 18.00 uur naar het hotel loop voor een avondmaaltijd, loop ik Ollie tegen het lijf. Zoals ik al eerder schreef, geeft Ollie al vier jaar les op de PDO High School. Hij is de coördinator van de Fast Track klassen. We hebben maar een uur samen en dus praat ik hem bij over de bridging classes en de rol van Nann Myint. Hij is verbaasd over het feit dat Nann Myint nog nooit projectsalaris heeft gekregen en over het feit dat U Nayaka nog nooit heeft geïnvesteerd in een goed klaslokaal. We hebben een goed gesprek samen en spreken af dat we volgende week nogmaals samen gaan dineren om wat uitgebreider te kunnen praten.

GESPREK MET DE STAF

Om 19.15 uur heb ik een gesprek met de negen mannelijke stafleden van het jongenshuis over het opruimen van het Golden House terrein. Ook Yi Mon, Cho Cho en Tsai Tsai zijn daarbij aanwezig. Slechts vijf van de negen zijn aanwezig en de andere vier zijn het vergeten. Ze worden gebeld en komen met een rood hoofd binnenlopen. ‘Goed dat dit gebeurt’, zeg ik, ‘want we moeten het vanavond over taken en verantwoordelijkheden hebben.’ Ik leg uit dat het mij opvalt dat het in, om en voor de huizen een rommeltje is. Er ligt enorm veel troep, waar iedereen steeds maar overheen stapt. Niemand ziet het meer, niemand voelt zich verantwoordelijk en dus wordt het langzaam erger. Die spiraal moeten we doorbreken, geef ik aan. Daar zijn de mannen het mee eens. Daarom wil ik morgen een grote schoonmaakactie houden, waar ook de meisjes bij betrokken zijn. Maar buiten moet er met name het nodige zware werk verricht worden en daar heb ik de jongens bij nodig. Er is een soort tuin gemaakt, maar dat is een rommeltje en half af. Verder is er een gevaarlijk situatie voor de ingang van de Pandaw House met een gat in het rioleringskanaal en ongelijk terrein. Ik zeg dat ik hen instructies zal geven en dat zij die weer moeten delegeren naar de jongens. ‘Geen probleem’, zeggen de mannen, ‘dat gaan we morgen samen aanpakken.’ We spreken af dat we dit om 15.30 uur gaan doen.

GESPREK MET NYEIN CHAN

Aansluitend hebben Yi Mon, Cho Cho, Tsai Tsai en ik een goed gesprek met Nyein Chan. Zoals ik al eerder schreef is hij het meest verantwoordelijke staflid van het jongenshuis. Hij studeert scheikunde aan de universiteit in Mandalay. We vertellen hem dat Yi Mon oren en ogen tekort komt en dat ze in het jongenshuis graag een aanspreekpunt heeft, een eindverantwoordelijke. Veel jongens in de Pandaw House gaan veel te laat naar bed, sommige jongens slaan lessen over en lang niet altijd verrichten ze hun taken. Het is een zootje op de kamers en ze gaan veel te laat slapen. Het is de bedoeling dat Nyein Chan en zijn staf dit gaan verbeteren, dat hij dit gaat coördineren, dat hij bepaalde taken weer delegeert naar zijn staf en hen regelmatig laat rapporteren. Yi Mon en hij zullen dan regelmatig samen gaan zitten en de gang van zaken doorspreken. Nyein Chan luistert aandachtig en geeft dan aan dat hij deze rol graag wil vervullen. Hij wordt gerespecteerd door de andere stafleden en door de jongens in het huis, dus dat zit wel goed. We bedanken hem voor het meedenken en we spreken af dat we het zo in gang gaan zetten. Tegen Yi Mon zeg ik tot slot dat zij ook een taak heeft, namelijk het regelmatige overleg met Nyein Chan inplannen en niet laten versloffen. Dat begrijpt ze en we moeten allemaal lachen om de gekke bek die ze daarbij trekt.

STERREN KIJKEN

Om 20.30 uur ga ik met een stel meisjes, waaronder Zar Nhi Khaing, Zuu Zuu Hein, Ei Thazin Myat en Su Thet Myat naar het dak van het schoolgebouw om naar de sterren te kijken. Ze vragen me de oren van het hoofd, zingen liedjes, doen dansjes en komen alsmaar knuffelen. Even alle aandacht van hun ‘papa’ vinden ze geweldig. En ik geniet er ook van natuurlijk. Wat een schatjes zijn dit toch. Je zou ze zo in een doosje willen doen…

IT-AFSPRAKEN MET JERRY

Om 22.00 uur spreek ik nog even met Nann Myint. Als we naar de poort lopen, komen we Jerry tegen, hoofd van de IT-afdeling. Hij geeft ons nog enkele tips waar we morgen inkopen kunnen doen. Ook spreken we af dat we een formulier krijgen, waarmee we de eigen internetverbinding voor het klaslokaal kunnen aanvragen. Dan komen ook Elke, Sacha, Sharon en Lena aanlopen. Lena wil morgen graag mee inkopen doen. Dat is gezellig. En als we dan eindelijk uitgepraat zijn, loop ik naar het hotel om lekker te gaan slapen.

VRIJDAG 13 FEBRUARI 2015

WINKELEN VOOR DE BRIDGING CLASS

Ik word om 9.00 uur opgehaald door Nann Myint. Samen met haar vriend Thu Wai en Lena gaan we vandaag inkopen doen voor de bridging class. We worden door een chauffeur met de pick-up truck van de school naar het centrum gereden. Downtown wordt dat hier genoemd. Naarmate je het centrum nadert wordt het steeds chaotischer op straat. Het krioelt er van de scooters en auto’s. Wat een bedrijvigheid hier en dat zeven dagen per week. Alleen de grote winkelcentra zijn op zondag dicht. Nann Myint en Thu Wai hebben een lijst gemaakt van alle adressen waar we heen moeten. Dat is handig, want anders zoek je je lens in zo’n grote stad.

DE EERSTE RONDE

We beginnen met de aanschaf van een airconditioning voor het klaslokaal. Er wordt ons aanbevolen om een staande unit te nemen voor zo’n grote ruimte. De aanschaf en de installatie is goedkoper dan begroot. Dan gaan we naar de Canon-winkel, waar we een heus kopieerapparaat aanschaffen en een goede beamer. Met name het kopieerapparaat is een stuk duurder dan verwacht, maar na een jaar gaat het z’n geld opleveren. Een kopietje kost 8 cent en met een laserprinter 38 cent. We rekenen uit dat er zo’n 25.000 kopietjes per jaar gemaakt zullen worden voor de studenten van de bridging class dus dan is een kopieerapparaat op termijn echt goedkoper. We besluiten om geen servicecontract te nemen. Dat is veel te duur hier. Als men vanuit het servicecentrum komt voorrijden voor het oplossen van een simpele storing, kost dat slechts 10 euro. Vervolgens rijden wij naar een computershop, genaamd Technoland, waar we speakers, koptelefoons en een diascherm voor aan de muur kopen. We schrijven ook meteen de prijzen van de laptops op, voor het geval we die toch in Mandalay gaan aanschaffen. Dan gaan we met z’n viertjes broodjes eten bij seasons. Het is heel gezellig en Lena is een goede steun en sparringpartner voor ons. Ze vindt het ook echt leuk om actief mee te denken.

DE TWEEDE RONDE

Na het eten gaan we naar de winkel voor de tafels. We vinden de perfecte inklapbare tafels voor het klaslokaal. Nann Myint kiest voor een blauw bovenblad. Bridging blue noemen we het en ze moet lachen. We kopen ook een eenvoudige boekenkast. De begroting laat het toe dat we een fatsoenlijk afsluitbaar bureau kopen voor Nann Myint en haar docenten. We hebben in deze winkel al heel vaak meubilair gekocht voor The Golden House, dus er wordt goed meegedacht en we krijgen zelfs wat korting. Tot slot gaan we plastic stapelstoelen kopen. We kiezen uiteraard de kleur… bridging blue. En dan is het inmiddels 15.00 uur en moeten we gauw terug naar school. Nann Myint is dolgelukkig en we zijn heel blij voor haar. Bij terugkomst is de naaister gearriveerd en bestellen we ook nog de gordijnen en al het toebehoren voor het klaslokaal. We zijn allemaal moe maar voldaan.

SCHOONMAAKACTIE

Veel tijd om uit te blazen is er niet. Ik ben namelijk precies op tijd terug voor mijn volgende grote klus: het opruimen van de drie gebouwen die we samen The Golden House noemen en het terrein eromheen en ervoor. Alle jongens staan al klaar en staflid Thoo Twin neemt de leiding. Ik geef instructies in het Engels en Thoo Twin delegeert alle taken. We gaan enthousiast aan de slag. Overal wordt rotzooi tussenuit geplukt en op de vuilnistruck gegooid. Thoo Twin en ik moeten zo ongeveer alles aanwijzen, want de jongens zien het simpelweg niet. We leggen een plantenperkje aan in een lelijke hoek tussen huis 1 en de Pandaw House, we maken het rioleringskanaal schoon en schuiven de tegels op het kanaal tegen elkaar, we egaliseren het terrein, we verplaatsen de hout-gestookte rijstkookmachine, we plaatsen de tuintafels, bankjes en plantenpotten voor de huizen en vegen alles aan. Ondertussen zijn een aantal jongens en meisjes in de drie huizen hun kamers aan het opruimen. Lena loopt samen met Cho Cho en Tsai Tsai alles na. Er wordt ter plekke beslist of iets weggegooid kan worden. Ook de dakterrassen komen aan de beurt. Een paar meisjes klimmen op het dak van huis 1 en vegen dat helemaal schoon. Er wordt echt keihard gewerkt en na afloop ligt de vuilnistruck helemaal vol. ‘Bi Bi Là?’, vragen de jongens rond 18.00 uur. ‘Bi Bi’, roep ik. Er stijgt een gejuich op, want de klus is geklaard. Dit was super om te doen en goh wat is het goed gegaan. Het resultaat mag er wezen!

ETEN BIJ CAFE CITY

Om 18.00 uur ga ik me opfrissen en daarna lopen ik met Lena, Elke, Sacha en Sharon naar Cafe City. Daar puffen we uit en gaan we lekker eten. De meiden willen een hamburger met frites, Lena kiest voor een vegetarische rijstschotel met allerlei groenten en kies voor Fish & Chips. Cafe City is een fancy restaurant. Ze hebben ook lekkere cocktails en milkshakes. Ik neem de Coconut Kiss met ananas, frambozen en kokosmelk. Heerlijk! We kletsen over van alles en nog wat. Lena is goed gezelschap. Ze woont samen met de meiden op de dezelfde verdieping en deelt met hen de douche en toilet. Ze heeft vanmorgen de sleutel van de douche aan iemand van school gegeven. Er zou wat gerepareerd worden in de douche. De sleutel is echter zoekgeraakt, dus er is niks gebeurd. Het slot is inmiddels vervangen, maar dat wist Elke nog niet, dus die kon niet naar de WC. We moeten er hartelijk om lachen. Rond 21.00 uur lopen we terug naar de school. Het bliksemt en er is onweer op komst. Het eerste sinds een maand. We besluiten allemaal om te gaan slapen, want morgen is het vroeg dag.

ZATERDAG 14 FEBRUARI 2015

HET LEVEN OP HET PLATTELAND

Ik heb goed geslapen en ben fit als ik om 6.15 uur opsta. Het ontbijt wordt naar mijn kamer gebracht. Om 7.15 uur sta ik keurig bij de hotelpoort, maar de dames laten nog een kwartier op zich wachten. Het is meestal Yi Mon die nog niet klaar is en van alles moet regelen omdat ze er een dag niet is. Om 7.30 uur rijden we richting Shwebo. De meiden kijken hun ogen uit. Het leven in de dorpjes is een stuk primitiever dan in de stad. Er rijden eindeloos veel brommers, tractors en ossenkarren. Kuddes koeien en geiten steken de straat over. De huisjes langs de weg zijn primitief en gemaakt van hout en riet. Op de erfjes lopen kippen en hier en daar zien we een varken. Het landschap is zo droog als een pier. Er is al een paar maanden geen regen gevallen. De wegen zijn stoffig en tegelijk ook alle struiken en bomen. Zo’n twintig jaar geleden was het hier veel vochtiger en kon met tweemaal per jaar rijst oogsten. Nu nog maar eenmaal per jaar. Niet voor niks trekken veel jongeren weg uit de dorpen.

DE ONTVANGST

Om 10.15 uur rijden we het erf van de ouders van Yi Mon en Nann Myint op. Hla Hla Myint (53) en Soe Aung (54) staan al te zwaaien. Ook grootmoeder (85) staat op de uitkijk. We worden zoals elke keer hartelijk onthaald. Vader wil me graag even omhelzen. Wat een leuke mensen zijn dit toch! Natuurlijk komen er nog wat ooms en tantes kijken. Oma vraagt hoe het met Frederique is en waarom ze er niet bij is. Ik vertel dat ik het ditmaal te druk heb met zaken regelen en dat ze de volgende keer weer meekomt. En of oma alsjeblieft gezond wil blijven. Nann Myint vertaalt mijn antwoorden. We gaan met z’n allen aan de grote houten tafel zitten, die in de centrale ruimte staat. Het is eigenlijk een soort serre of afdak. Op tafel staan pinda’s en druiven. Er wordt meteen water ingeschonken. Buiten staat het vol met potten, gevuld met bloemen en planten. Dat is de hobby van vader en hij is er trots op. Het zorgt ervoor dat het erf gezellig oogt. En ja, weer bloeit er een plant. ‘Dat is altijd net als er gasten komen’, zegt vader lachend.

LUNCHTIJD

Terwijl wij even zitten te kletsen met Yi Mon en Nann Myint bereiden Hla Hla Myint en Soe Aung de lunch voor. Na tien minuten staat de tafel helemaal vol. Moeder en vader hebben vis, varkensvlees, kip, bonencurry, groenten, salade, rijst en soep gemaakt. Het ziet er heerlijk uit. Het is gebruikelijk dat eerst de gasten eten. Ook Nann Myint en Yi Mon eten mee en helpen met vertalen. We eindigen onze lunch met… pelpinda’s. Daar is het ’t seizoen voor. Het is een mooie gelegenheid om Ee Ja Dà Sjie Dè tegen moeder en vader te zeggen. Het eten was weer heerlijk. Er wordt gelachen. Hier kun je nog de blits maken met wat zinnetjes Birmees. In The Golden House zijn de kinderen er al aan gewend dat zij in het Engels tegen me praten en ik zoveel mogelijk in het Birmees antwoord om te oefenen.

RONDLEIDING DOOR HET DORP

Tijd om een rondje door het dorp te maken. We gaan bij ooms en tantes langs en moeten telkens even aanschuiven. Er wordt wat lekkers op tafel gezet, maar we zitten nog helemaal vol van het eten. Geen probleem als je niks pakt, zegt Nann Myint, het is gewoon een gebaar van gastvrijheid. We lopen naar een huis waar onder een afdak een groep vrouwen uien zit te snijden. Die worden verderop in de zon gedroogd. Nann Myint vertelt dat er over anderhalve week een inwijdingsceremonie is van het zoontje van deze familie. Hij wordt een tijdje novice (monnik). Dat is een traditie in Myanmar. De vrouwen zijn het eten voor de ceremonie aan het voorbereiden. Toen Nann Myint en Yi Mon jong waren, hebben ze dit ook meegemaakt. Normaliter worden de meisjes dan ook een paar weken non, maar omdat er geen nonnenklooster in de buurt van het dorp ligt, was het voor de meisjes enkel een feest. Meestal is er één familie die het feest initieert en het hele dorp komt dan meehelpen. Dat gebeurt altijd rond deze tijd van het jaar, omdat er nu geen werk te doen is op het land. Erg leuk om de voorbereidingen voor dit feest te zien. We zijn de attractie van het jaar. Alle ogen zijn op ons gericht en er wordt druk gekwebbeld en gelachen.

PLANNEN VOOR HET DORPSSCHOOLTJE

We brengen ook een bezoekje aan het schooltje in het dorp. Er wordt lesgegeven tot en met leerjaar 5. Voor leerjaar 6 tot en met 9 moeten de kinderen naar een volgend dorp. Voor leerjaar 10 en 11 naar de stad. Nann Myint wil graag een aantal studenten van haar bridging class een week lang workshops laten verzorgen op het schooltje, zodat de platselijke leerkrachten en de leerlingen kunnen ervaren dat er wat betreft vervolgopleiding in Mandalay interessante dingen gebeuren. Veel kinderen in Myanmar maken de middelbare school niet af. Nann Myint vraagt wat ik van het idee vind? ‘Doen’, zeg ik. Als we als stichting hierin iets kunnen faciliteren, willen we dat graag doen. ‘Het zal bijna niks kosten’, zegt Nann Myint. ‘De studenten worden ondergebracht bij gastouders in het dorp en krijgen daar te eten en te drinken. Het zal hooguit om wat kosten voor transport gaan.’ ‘Laat maar weten’, zeg ik! We lopen terug naar het woonhuis en inmiddels loopt er een flinke schare kinderen met ons mee. De meiden proberen er contact mee te leggen, maar de kinderen zijn erg verlegen.

HET AFSCHEID

We kletsen en drinken nog wat aan de familietafel en dan is het inmiddels 15.30 uur. Hoog tijd om terug te rijden naar Mandalay. Mogelijk komen Elke, Sacha en Sharon over anderhalve week alweer terug, samen met Yi Mon. We zijn namelijk uitgenodigd voor de inwijdingsceremonie van de zoon van de familie waar we zojuist waren. Ik ben dan al terug naar Nederland, maar de meiden zouden het wel heel speciaal en spannend vinden om zo’n ceremonie mee te maken. We nemen nog wat groepsfoto’s op het erf en nemen dan afscheid van deze hartelijke familie. In de auto kletsen we nog wat na. Ook Elke, Sacha en Sharon vonden het supergaaf vandaag.

BEDTIJD

Om 18.30 uur zijn we terug op school. Ik besluit om niet meer naar The Golden House te gaan. Ik ga mijn reisverslag bijwerken en het versturen. Daarna ga ik op tijd slapen, zodat ik mijn laatste vijf dagen op het project optimaal kan benutten!

ZONDAG 15 FEBRUARI 2015

M’N SNOR VERVEN

Velen van jullie weten het, maar velen waarschijnlijk ook niet: Ik verf al 15 jaar mijn haar. Aan mijn moeders kant werd iedereen al heel vroeg grijs en dat zit ook bij mij in de genen. Eén keer in de maand mag de kapper er de verfkwast doorhalen en tussendoor verf ik regelmatig mijn snor en mijn wenkbrauwen. De verhouding is een derde bruin en twee derde donker blond. Ben ik ijdel? Misschien wel een beetje. Maar het belangrijkste is dat ik me nog zo jong van geest voel dat daar geen grijze haren bij passen. Ik besluit om vanmorgen mijn snor en mijn wenkbrauwen maar eens bij te werken. Dat is al anderhalve week geleden. Het ritueel is altijd hetzelfde: een flinke klodder uit de tube donkerblond mengen met dezelfde hoeveelheid waterstofperoxide, met een oude tandenborstel op de snor en wenkbrauwen smeren en twintig minuten laten intrekken. Daarna uitspoelen en even met de tondeuse de snor bijwerken. Ik lees een paar hoofdstukken in mijn boek Koorts van Saskia Noort en loop dan naar de badkamer.

OH NEE TOCH…

Terwijl ik mijn snor uitspoel denk ik al: hier klopt iets niet. Wat er in de wasbak valt is te donker. Als ik in de spiegel kijk schrik ik me het apelazarus: Ik heb de verkeerde tube gebruikt. Mijn snor lijkt wel zwart. Ik vloek in het Nederlands en het Engels. Zo kan ik me echt niet op straat vertonen. Normaal zou ik de andere tube pakken en het gewoon overdoen, maar die heb ik niet meegenomen. Shit, wat nu? Snor eraf? Nee, dat is geen optie. Dan zit er niks anders op dan mijn hele kop opnieuw te verven met bruin. Maar dat heb ik nog nooit zelf gedaan. Ik maak een flinke hoeveelheid verf aan en ga aan de slag met mijn tandenborstel. Lieve help, wat een gepruts. Normaal wordt mijn huid rond mijn haargrens een beetje ingesmeerd met olie, maar die heb ik niet. Ik haal de spiegel uit de badkamer om de achterkant te kunnen doen. Dat is nog verdraaid lastig om in spiegelbeeld je haren in te smeren. M’n hele nek zit vol verf. Dat haal ik er voorzichtig met een washandje af. Datzelfde doe ik met mijn voorhoofd. Nu opnieuw 20 minuten wachten. Daarna voorzichtig uitspoelen in de wasbak. Ik kan niet onder de douche gaan staan en de verf over de badkamervloer naar het hoekje van de badkamer laten drijven.

ZO KAN HET WEL

Ik droog mijn haren en bekijk het resultaat. Hmm, zo kan het wel. Het is in elk geval uniform qua tint. Ik doe er wat gel in en loop dan naar de hoteleigenaar en zijn schoonzoon. Door al dat gepruts is het al bijna 11.00 uur. Ik leg uit waarom ik te laat ben voor het ontbijt en vraag of ik toch nog kan ontbijten. Ze komen niet meer bij, zeggen dat het er goed uitziet en dat ik maar gauw op het terras moet gaan zitten. En een kwartier later kan ik dan eindelijk het normale ritme weer oppakken. Wat een gedoe. Het maakt me onzeker. Maar ja, we hebben allemaal onze eigenaardigheden, denk ik maar.

BRIDGING EN NOG EENS BRIDGING

De middag staat in het teken van de bridging class. Nann Myint, Bradley en ik praten de situatie met New Education Highway nog eens door. Het blijkt dat Nann Myint de methode op de laptops enerzijds te beperkt vindt, maar anderzijds ook niet goed weet hoe ze de vele instructiefilmpjes kan inpassen in haar reguliere lessen. Als Nann Myint dat al niet kan dan zullen haar collega-docenten dat waarschijnlijk ook niet kunnen. Misschien is het toch niet zo’n gek idee om te vragen of NEH twee vrijwilligers kan sturen: een docent en een train-de-trainer. En of we die laatste nu zo noemen of projectcoördinator, dat maakt niet zoveel uit. Nann Myint blijft gewoon de manager van de bridging class. Wat veel belangrijker is, is dat diegene in goed overleg met haar en de lokale docenten passende lessenplannen en ander curriculum kan ontwikkelen en de lokale docenten kan trainen in het gebruik van het NEH-materiaal. We spreken ook een aantal praktische zaken door, zoals: waar moet het projectiescherm komen hangen, wat voor tralies willen we tegen de ramen, wat voor slot willen we op de deur. We bellen Thoo Twin, één van de stafleden van het jongenshuis, en laten hem een offerte maken voor een aankondigingsbord langs de deur, een flip-over statief en wat zaken ter beveiliging van het klaslokaal. We spreken af dat we morgen om 15.00 uur met alle docenten bij elkaar gaan zitten en twee zaken gaan bespreken. We willen weten wat ze van het NEH-materiaal vinden, of ze er goed genoeg mee uit de voeten kunnen, of ze nog tips hebben en of we ze kunnen bijscholen op dat terrein. En we willen weten of iemand belangstelling heeft om fulltime docent te worden in de bridging class. De zes jongedames werken nu allemaal als vrijwilliger in de bridging class en krijgen hun afdelingssalaris via de Fast Track klassen. En dan is het inmiddels vijf uur en is het wel genoeg geweest voor vandaag.

FRUSTRATIES

Ik loop naar beneden en daar komen toevallig Elke, Sacha en Sharon aanlopen. Ik vraag ze wat ze vandaag gedaan hebben. Het blijkt dat ze net zo’n frustrerende ochtend achter de rug hebben als ik. Ze wilden hun verslagen naar school mailen. Elke was heel vroeg naar het kantoor van U Nayaka gegaan. Geen goede verbinding. Ook niet in de teashop aan de overkant van de straat. De meiden zijn vervolgens naar het hotel gelopen waar ze de eerste vier nachten geslapen hebben. Tegen betaling mochten ze daar van de wifi gebruik maken, maar ook daar was de verbinding hopeloos. Uiteindelijk hebben ze hun werk dus niet kunnen doen. Welkom in Myanmar, zeg ik lachend. Er kan niet meer dan een glimlachje af bij de dames en dat snap ik wel. Ik heb mijn reisverslag ook nog niet kunnen versturen om dezelfde reden. Ik vraag ze of ze zin hebben om mee te gaan eten. Dat hebben ze wel. Ze stellen voor om Lena ook mee te vragen en ik stel voor om hetzelfde met Bradley te doen. Die zit nog steeds te werken in de bridging class. We spreken af bij het kantoor van U Nayaka. Bradley gaat zich snel omkleden, maar Lena is niet te vinden. Dus lopen we uiteindelijk met z’n vijven naar Queen. Dat is een goed restaurant midden in de volksbuurt ten noorden van de school.. De gerechten zijn een mix van Chinees en Thais en heel toegankelijk voor ons westerlingen. We voeren een gezellig gesprek en lopen een uur later weer terug naar de school.

GEZELLIG KLETSEN

Terwijl de meiden spelletjes gaan doen met de kleine kinderen, ga ik op de nieuwe bankjes voor The golden House zitten. Er komen meteen zeven meiden bij me zitten, die nu in leerjaar 10 zitten. Ze vragen me de oren van het hoofd. Er wordt in het Birmees overlegd en dezelfde stelt steeds de vraag. Uiteraard degene die het minst verlegen is en het beste Engels kan. Ook mijn vriendinnen Zar Ni Khaing en Thae Nu Khaing komen erbij zitten. Ik ken deze meiden al zes jaar. Ik vraag ze of ze nog wel eens terug geweest naar hun geboortedorp? Zar Ni Khaing één keer, twee jaar geleden, en Thae Nu Khaing nooit. De vader van Zar Ni Khaing en de moeder van Thae Nu Khaing komen elk jaar wel een keer naar school. Ik vertel ze dat Frederique en ik in juli graag samen met hen naar hun geboortedorpen willen reizen. Ze beginnen te stralen en zijn meteen super enthousiast. ‘Really?’, vraagt Zar Ni Khaing. ‘Yes, sure , zeg ik. Ze vliegt me om de hals en zegt: ‘Oh, I love you papa!’. Ik geef aan dat we wel moeten uitvinden of wij daar ook echt naartoe mogen. Dat begrijpen de meiden wel. In de periode 2008 tot en met 2011 mocht dat nog niet. Yi Mon zegt dat U Nayaka dit wel weet. Dat ga ik hem deze week vragen, zodat Frederique en ik plannen kunnen maken voor de zomervakantie. Ik vraag Yi Mon of ze mee wil? Ze geeft aan dat ze dat graag wil, maar wel een beetje bang is om te varen. Ze kan niet zwemmen. ‘Maar jij redt me wel, hè, als ik overboord val?’ ‘Natuurlijk’, zeg ik lachend. ‘Mouse cannot swim!’ We moeten allemaal lachen. Ik noem Yi Mon altijd ‘mouse’, omdat ze continu bezig is om voedsel te verzamelen voor haar kroost en dat naar het nest brengt. Ze moet alles in de gaten houden en is de hele dag druk in de weer. Dit is een mooie afsluiting van de avond. Het is 22.00 uur en tijd om te gaan slapen. Zoals elke avond word ik naar het hek gebracht door Yi Mon en een aantal kinderen.

MAANDAG 16 FEBRUARI 2015

ADMINISTRATIE

Na mijn ontbijt werk ik in mijn kamer de administratie bij. Er zijn al veel inkopen gedaan, zowel door Yi Mon voor The Golden House als door Nann Myint voor de bridging class. Dat bijwerken zetten Yi Mon en ik voort om 12.00 uur in The Golden House. We nummeren alle nota’s. Ook krijg ik van haar een overzicht van de besteding van het handgeld voor noodgevallen, dat we elk werkbezoek achterlaten. We spreken af dat we morgen om 9.00 uur de resterende inkopen gaan doen. We bellen Chan Chan of ze de begroting voor het onderhoud aan onze huizen al klaar heeft. ‘Nog niet’, zegt ze, ‘maar vanmiddag om 17.00 uur heb ik die klaar’. Da’s mooi, dan kan ik daarna onze Australische partner Brian Pringle mailen.

GESPREK MET BRIDGING CLASS DOCENTEN

Om 15.00 uur spreken Nann Myint, Bradley en ik met zes docenten van de bridging class over het gebruik van het materiaal van New Education Highway. Daar komt veel waardevolle informatie uit: Er is een grote behoefte aan nieuw materiaal, nieuwe lessenplannen en nieuwe schema’s. Het materiaal moet beter geordend en gemarkeerd worden, zodat duidelijk is op welk niveau het ingezet kan worden. Het nieuwe materiaal mag uitdagender zijn en minder content-gericht. Het huidige materiaal is vooral gericht op luisteren en grammatica. Het nieuwe materiaal mag meer gericht zijn op spreken en schrijven. Sommige video’s zijn van een slechte kwaliteit en moeten vervangen worden. Het materiaal voor de eerste periode is te simpel. De studenten hebben namelijk al de nodige basiskennis. Tijdens de lessen op niveau 3 wordt het NEH-materiaal ad random ingezet en niet meer structureel. Hoe hoger het level, hoe meer behoefte er is aan allerlei werkvormen, zoals spellen, creatieve activiteiten, songteksten, eenvoudige ted-talk. Het materiaal moet gemixt kunnen worden met de eigen ideeën van de lokale docenten. Het NEH-materiaal zal niet het enige materiaal zijn op de laptops. Ook andere bronnen en methodes zullen toegevoegd worden. De laptops moeten afgesloten worden met een wachtwoord voor de gebruikers en alleen Nann Myint en de IT-afdeling kunnen zaken installeren. Er is behoefte aan een docent, die Engels doceert als een buitenlandse taal en niet als een tweede taal. Daarnaast is er behoefte aan een ervaren train-de-trainer, die de lokale docenten traint hoe ze kunnen werken met het NEH-materiaal. Hij of zij moet ook in staat zijn om het NEH-materiaal te integreren in de bestaande structuren. De eerste maanden zal de train-de-trainer de lokale docenten helpen met het reorganiseren van het NEH-programma en de afstemming op de lokale wensen. De samenwerking met het kantoor in de VS moet verbeteren. Er moet eerder gereageerd worden op e-mails en nieuw materiaal dat toegestuurd wordt, moet compleet zijn. Na afronding van een niveau, ontvangt de student een certificaat. Dat is nu niet gebeurd, maar dit is zeer belangrijk, anders haken studenten af.

BRIDGING CLASS PARTY

Nann Myint, Bradley en ik zijn blij met zoveel waardevolle input. We praten nog even door over de bridging class party die we morgenavond willen organiseren. We willen niet alleen de huidige studenten uitnodigen, maar ook de studenten die uit The golden House, die mogelijk interesse hebben om deel te nemen aan de Engelse les in de bridging class. Een aantal studenten zullen activiteiten organiseren en wij zorgen voor de informatievoorziening en lekker fruit. Als we klaar zijn spreken Nann Myint en ik kort met Jerry. Hij is van de IT-afdeling en zal onze internetverbinding met de bridging class gaan regelen. Hij gaat alles in gang zetten. We spreken ook met hem af dat hij een plateau zal aanschaffen waarop we onze beamer kunnen plaatsen. Dat plateau komt aan het plafond te hangen. Als we naar buiten lopen zien we Elke, Sacha en Sharon. We nodigen hen ook uit voor de party.

UITETEN MET OLLIE

Na al deze besprekingen loop ik even terug naar het hotel. Ik werk nog wat schema’s bij en maak me dan klaar om met Ollie te gaan eten. Ollie neemt me achterop zijn scooter mee naar een fancy restaurant met de naam Gossip. Ze serveren Thais en westers eten. We gaan allebei voor vis. Het eten smaakt heerlijk. Ondertussen praten we geanimeerd over alles wat er op PDO goed en fout gaat, over de veranderingen in het land, over de veranderende leerlingen, over de inzet van ICT, over de ontbossing in het land, over welvaart en hoe iedereen daarin mee zou moeten kunnen delen en nog veel meer. Om 20.45 uur zijn we uitgepraat en rijden we terug naar de school.

EVALUATIE PILOT ENGELSE BIJLES

Ik ga met Yi Mon het gesprek aan over de Engelse bijles die onze kinderen krijgen. Het blijkt dat docente Aye Sandar inmiddels nog maar twee uurtjes lesgeeft in het weekend en slechts op één niveau. Ze heeft het te druk met andere zaken, haar vrije tijd sluit niet aan op die van de kinderen, omdat zij er vaak niet is, nemen de kinderen het ook niet zo nauw en intussen krijgt ze wel gewoon betaald. Ik zeg tegen Yi Mon dat we deze pilot onmiddellijk stopzetten. Yi Mon is bang dat het moeilijk zal zijn om een docent te vinden die er wel altijd kan zijn. Ik vraag haar of alle docenten er de kantjes vanaf lopen? ‘Veel wel’, zegt ze. ‘We zouden eens met Nann Myint moeten praten wie zij geschikt acht.’ Verder willen we het komend jaar alle leerlingen van The Golden House, de etnische groep en het hostel voor de straatkinderen samen in een paar klassen plaatsen. Kinderen die buiten de school wonen, hebben vaak ’s avonds bijles. Overdag, tijdens de normale lessen, zijn de verschillen in niveau daardoor te groot. Als volgend jaar alle kinderen die op het schoolterrein wonen samen in klassen zitten, kan er lesgegeven worden in de ochtend én de middag. Dat betekent dat er ’s avonds geen extra bijles meer hoeft plaats te vinden voor elk vak en dat betekent weer dat er ruimte over is voor extra Engelse bijles. ‘Maar wel door een betrouwbaar iemand’, zeg ik. Yi Mon knikt instemmend. En daarmee sluiten we het gesprek en de avond af. Morgen ga ik samen met Yi Mon de laatste inkopen doen. Nu is het bedtijd.

DINSDAG 17 FEBRUARI 2015

WINKELEN IN HET CENTRUM

Om 9.00 uur ga ik winkelen met Yi Mon. We hebben nieuwe apparatuur nodig. Ze wil me daar altijd graag bij hebben, omdat het om flinke bedragen gaat en er altijd de afweging gemaakt moet worden tussen iets goedkoper en iets minder van kwaliteit en iets duurder en iets beter van kwaliteit. We beginnen met een nieuwe televisie voor het jongenshuis. Er staat nu nog een televisie met beeldbuis en die vertoont zo nu en dan kuren. We kopen exact dezelfde televisie als in het meisjeshuis voor 180 dollar. Ook kopen we een DVD-speler voor het meisjeshuis. Met de vakantie in aantocht moet die er zeker komen. We kiezen voor een Samsung in plaats van een apparaat van Chinese makelij. Die kost geen 30 maar 40 dollar. De acht ventilatoren die we nodig hebben, hebben ze ook in deze zaak. Ik kijk rond. Ik heb hier al zo vaak gestaan met Yi Mon. Het probleem met de apparatuur in Myanmar is drieledig: 1. Het wordt elke dag intensief gebruikt. 2. Het is enorm stoffig op het schoolterrein. 3. Er wordt niet altijd even zachtzinnig met apparatuur omgegaan. De ventilatoren zullen vanaf maart elke dag continu draaien. De zomer is in aantocht en dan is het hier overdag gauw 37 graden. Ik heb Elke, Sacha en Sharon daar al op voorbereid. Wat we ook aanschaffen is een nieuw type airconditioning voor het kantoor van de staf. Het apparaat werkt op water en het reservoir moet je eenmaal per dag bijvullen. Het apparaat kost slechts 100 dollar. Laten we eens proberen of dit iets is. Het is in de zomer en in het regenseizoen niet te harden in het kantoortje. Ook ik heb daar al veel zweetdruppels weggeveegd in de afgelopen zes jaar.

MR. SUPERCUP

Om 11.30 uur zijn we klaar en bezoeken we Mr. Supercub. Wie is dat nu weer, zul je misschien denken? Dat is een man die ik op de heenreis op Bangkok Airport ontmoet heb. Ik heb er een heel leuk gesprek mee gehad. Zijn ouders zijn van Nepalese afkomst en zijn al in Mandalay gaan wonen voordat hij geboren was. De familie heeft haar hele leven lang, en dat is al meer dan 7 jaar, een winkel gerund in melk, boter en boterolie. Die boter maakt mr. Supercup nog steeds zelf. Het zijn Hindoes en mr. Supercup is vier jaar lang de voorzitter geweest van de Hindoe-gemeenschap in Mandalay. Die bestaat nu uit een duizend Hindoes. Hij heeft een gezin. Twee van zijn kinderen wonen in Myanmar en zijn dochter runt een hotel op Phuket, een Thais eiland. Daar is hij net een maand geweest. Hij is ook al opa. Ik heb hem op het vliegveld beloofd dat ik zijn winkel zou bezoeken. En als ik iets beloof dan doe ik dat ook.

HET ZAL WEL EEN HINDOE ZIJN…

Als ik met Yi Mon zijn winkel inloop, zit zijn vrouw aan de toonbank. Ze vraagt vriendelijk wat we zoeken. Ik vertel dat ik haar man ontmoet heb op het vliegveld. Ze veert meteen op en schudt ons de hand. Ze belt haar man en die staat vijf minuten later ook op de stoep. Hij omhelst me en vindt het geweldig dat ik echt gekomen ben. Er worden stoelen neergezet en we praten een tijdje over hun gezin, over de winkel en over het Hindoe zijn in een Boeddhistische samenleving. De familie is volledig geïntegreerd en geaccepteerd. Achter het huis van Mr. Supercub staat een enorme Hindoetempel. Die is gebouwd met geld van de Hindoe-gemeenschap. Het is ook een hostel voor Hindoes die van buiten de stad komen. We lopen door een grote poort een terrein op. Links en rechts staan gebouwtjes waar groepen jongelui wonen. Er is ook een keuken gebouwd. In het centrale gebouw is een heuse receptie. Mr. Supercub vraagt om de sleutel en er loopt een meisje met ons mee. Ik vraag Yi Mon of ze ooit in een Hindoetempel geweest is. ‘Nee’, zegt ze, ‘en ik ben wel een beetje nerveus’. Als ik vraag waarom, legt ze uit dat de mensen er zo anders uitzien. Als je als kind iemand zag die er raar uitzag, zei je: dat zal wel een Hindoe zijn.

DE HINDOETEMPEL

De tempel is op het dak van het gebouw. Het ziet ervoor Hindoestaanse begrippen sober uit. De stijl is hetzelfde als die van de Boeddhistische tempels in dit land. Maar er staat uiteraard geen Boeddha in het allerheiligste, maar een beeld van Krishna. De plaats is helemaal betegeld en hier kunnen zeker tweehonderd gelovigen zitten. Je kunt hierboven goed zien hoe het gebouw ingeklemd zit tussen de hoogbouw in dit deel van de stad. We lopen nog even terug naar het winkeltje, waar Yi Mon een fles boterolie krijgt voor The Golden House. We nemen afscheid en ik beloof Mr. Supercub dat ik - als ik de volgende keer weer in Mandalay ben - iets langer op bezoek kom. ‘Dat vind ik fijn’, zegt hij, ‘want ik had jullie eigenlijk graag uit willen nodigen om ergens te gaan lunchen.’ ‘Dat doen we de volgende keer’, zeg ik! Als we terugrijden naar school zegt Yi Mon: ‘Wat een vriendelijke mensen. Heel mijn leven ben ik wat angstig geweest als ik Hindoes zag lopen, maar ik moet mijn beeld toch maar eens bijstellen.’ Als we de 19th street indraaien, stoppen we nog even bij de grote nieuwe supermarkt. Yi Mon is nog niet binnen geweest en kijkt haar ogen uit. Ik koop een paar broodjes bij Seasons. Dat wordt mijn lunch vandaag.

CULTUURVERSCHILLEN

Om 14.30 uur heb ik overleg met Nann Myint en Bradley over de samenwerking met New Education Highway. We hebben de afgelopen dagen veel informatie verzameld en willen die bundelen tot een mail met tips en tops. Ik laat Bradley mijn eerste opzet zien, met daaronder de opmerkingen van de docenten. Hij zegt dat het er al goed uitziet en gaat aan de slag om de mail te perfectioneren. Als hij klaar is, komen Nann Myint en ik er weer bij zitten. Ik lees de mail voor en we verfijnen nog een paar alinea’s. Als we vragen of Nann Myint zich kan vinden in de opzet, zegt ze dat ze de inhoud wel heel direct vindt. Ze zou het veel omzichtiger opschrijven en wat er allemaal niet goed gaat voor een deel weglaten. Bradley en ik proberen haar gerust te stellen. Hier komt overduidelijk een cultuurverschil qua communicatie in de westerse en oosterse wereld bovendrijven. We leggen Nann Myint uit hoe wij in het westen met elkaar communiceren. Dat we heel direct zijn, aangeven wat goed gaat en wat minder goed gaat, aangeven wat we graag veranderd willen zien en waar we duidelijk kansen zien. Nann Myint is nog niet helemaal overtuigd, maar omdat Bradley en ik zo stellig zijn, gaat ze akkoord. Ik zeg: ‘Vergeet niet dat mijn naam eronder staat en niet de jouwe.’ ‘Ja, dat is waar’, zegt ze glimlachend. Ik bedank Bradley voor zijn input. ‘Heel graag gedaan’, zegt hij. Ik maak meteen van de gelegenheid gebruik om de mail te verzenden naar Van en Silvia van NEH.

ETEN OP EEN OUD STEKKIE

Samen met Elke, Sacha en Sharon ga ik eten in het restaurantje aan de 19th street, waar ik in de eerste drie jaar elke avond ging eten. Ook Frederique heeft daar vaak met mij gezeten. Ik ben er in de afgelopen drie jaar nooit meer geweest. We eten tegenwoordig vaak in ons hotel. Daar koken ze ook fantastisch. Sinds vorig jaar zijn er in de buurt een hoop leuke restaurantjes bijgekomen en is er veel meer keuze. Ditmaal heb ik maar één keer in het hotel gegeten. De meiden vinden dit het lekkerste eten tot nu toe. Dat is mooi, want zij zullen hier nog acht weken lang elke avond een leuke eetplek moeten vinden.

BRIDGING PARTY

Als we om 19.10 uur met z’n viertjes naar de grote hal lopen waar vanavond de bridging party plaatsvindt, zit die hal tot onze verbazing al aardig vol. Nann Myint verwachtte zo’n zeventig van de ruim honderd studenten, maar er zijn daar bovenop net zoveel studenten gekomen die nu nog in leerjaar 11 zitten. Er is vandaag druk geflyerd op de school en dat heeft z’n effect gehad. Op de voorste rij van het rechtse blok stoelen zitten Bradley, Lena en twee andere buitenlandse docenten. Op de voorste rij van het andere blok zijn vier stoelen gereserveerd voor ons. De vriend van Nann Myint loopt rond met een groot fototoestel om het gebeuren vast te leggen. Ze willen net beginnen met het programma. Een programma dat helemaal door de studenten voorbereid is. Een jonge monnik en een andere jongen zijn de spreekstalmeesters. Ze leggen uit dat we een zelfbedacht programma voorgeschoteld krijgen met sprekers, zang, dans en rollenspel. Als eerste wordt Nann Myint naar voren gevraagd. Een luid gejoel stijgt op uit de zaal. Ze wordt op handen gedragen door haar studenten. Ze ziet er op z’n Paasbest uit in haar roze jurk. Als ze achter de microfoon stapt, kan ze de eerste vijf minuten geen woord uitbrengen. Ze is zo overdonderd door de positieve energie, het enthousiasme en het vertrouwen dat ze ervaart. Het is de eerste keer dat een dergelijk evenement georganiseerd wordt. Nann Myint beschouwt het als de officiële start van haar afdeling, ondanks het feit dat ze al anderhalf jaar bezig is. Ze bedankt alle studenten voor hun inzet en voor het feit dat ze zo enorm hard aan hun Engelse en maatschappelijke talenten werken. Ze bedankt haar lokale docenten en de buitenlandse docenten die lesgeven in haar klas. En ze bedankt via mij stichting World Child Care en haar sponsors. Dankzij de inrichting van het klaslokaal kan er voortaan professioneel lesgegeven worden. Er stijgt een daverend applaus op in de zaal.

MIJN SPEECH

Dan word ik uitgenodigd om een speech te komen geven. Ik zeg tegen de zaal: ‘Had dat maar gezegd dan had ik me beter voorbereid.’ Er stijgt een gegrinnik op. Ze weten dat ik er toch wel iets van zal maken. Ik vertel hoe belangrijk we het vinden dat de jongeren in The Golden House straks op eigen benen kunnen staan. Dat we ze de kans willen geven om goed Engels te leren. Dat we daarom besloten hebben om het bridging programma te ondersteunen. En dat iedereen die hier nu zit daar de vruchten van mag plukken. Ik geef aan dat, als je goed Engels spreekt en sociaal-maatschappelijk betrokken bent, de wereld aan je voeten ligt. Na vier of vijf niveaus van bridging class kun je deelnemen aan het Pre College Programma op de PDO High School of een internationaal erkend IELTS-examen doen. Maar dat hoeft niet per se, want als je goed Engels kunt spreken, kun je overal in het land terecht. De internationale handel groeit, het toerisme groeit, het onderwijs wordt steeds beter, en overal is behoefte aan mensen die goed Engels spreken. ‘Er zijn dus kansen te over voor jullie!’ Ik besluit met een uitspraak van Mahatma Gandhi: ‘Ben de verandering die je teweeg wilt brengen.’ Ook ik krijg een groot applaus.

ZELFBEDACHT THEATERPROGRAMMA

Wat er daarna gebeurt, overtreft onze stoutste verwachtingen: We krijgen een twee uur durend programma voorgeschoteld met zang, traditionele dans, moderne dans, rollenspel, verkleedpartijen en nog veel meer. We kijken onze ogen uit. Wat een creativiteit en enthousiasme zit er in deze jongeren. Ze staan allemaal trots op het podium in deze zaal. En dit is allemaal in de laatste twee dagen bedacht en ingestudeerd. In één van de rollenspellen zien we hoe een meisje graag Engels wil leren. Ze wordt meegenomen naar de PDO High School. Daar ontmoet ze U Nayaka en zijn broer U Yotika, nagespeeld door de jongeren. We liggen in een deuk. Dan kom ik in beeld. Ik teken een overeenkomst en geef een pakje geld. De zaal ligt dubbel van het lachen. En uiteindelijk zien we hoe het meisje goed Engels leert en gevraagd wordt voor het Pre College Programma. Geweldig gedaan. Noemenswaardig is ook het toneelstukje, waarbij zes jongens zich verkleed hebben als meisjes. Ze komen steeds naar voren met een ‘echt’ meisje aan de arm en proberen zo vrouwelijk mogelijk te doen. Sommigen doen dat fantastisch, alsof het hun tweede natuur is. Ook Elke, Sacha en Sharon worden nog even op het podium gesleurd om aan een dansje mee te doen. Het slotlied is een Birmees lied, waarbij alle armen de lucht in gaan en uitbundig meegezongen wordt. Daarna wil iedereen met hun leraren en met mij op de foto. Ik voel me net een beroemdheid. En Nann Myint? Die straalt van oor tot oor. Wat geweldig dat ze dit allemaal teweeg heeft gebracht en daar nu de vruchten van mag plukken. Dik verdiend!

WOENSDAG 19 FEBRUARI 2015

FINANCIELE ADMINISTRATIE

De dag begint wat vroeger dan gepland. In het huisje naast mij wordt de kamer al om 19.30 uur schoongemaakt. Normaal zou dat geen probleem moeten zijn, maar er zit maar een dun wandje tussen mijn kamer en de andere kamer. De jongelui die de kamers hier schoonmaken, zijn nogal luidruchtig. Voor mijn ontbijt heb ik mooi even de tijd om een start te maken met de financiële afwikkeling van mijn reisbezoek. Dat is ditmaal een flinke klus, want er lopen twee geldstromen door elkaar: bridging class en Golden House. Wat betreft de bridging class zijn er al veel zaken gekocht, maar moeten er de komende week ook nog zaken aangeschaft worden. Daartoe laat ik geld achter met een strikte bestemming. Voor The Golden House is het nog iets ingewikkelder. Daarvoor hebben we zaken aangeschaft, laat ik geld achter bij Yi Mon voor kleding, breng ik geld naar de kassier van de school en heb ik een lijst gemaakt m.b.t. onderhoud, reparatie en verbetering en daartoe moet bij thuiskomst nog geld overgemaakt worden.

HET TERREIN VOOR HET HOTEL…

Om 10.00 uur rijd ik met de schoolarchitecte Chan Chan en Yi Mon naar een stuk land dat U Nayaka een paar jaar geleden geschonken heeft gekregen. Het is 45 x 75 meter groot. Er staan al twee huizen op, één van steen en één van hout. We rijden door de volksbuurt naar de noordzijde van de stad. We zijn hemelsbreed niet meer zover verwijderd van Mandelay Hill, de heuvel aan de noordzijde van de stad, waarop een mooi tempelcomplex staat en van waaruit je een mooi uitzicht hebt op de stad en het voormalige koninklijke paleis. Nann Myint zei dat er veel omgevingsgeluid zou zijn, maar dat valt me alleszins mee. In het stenen huis op het landje woont een ouder echtpaar. Hun dochter is de persoonlijke assistent van U Nayaka. Ze woont in een bamboehuis, achter op het terrein. Er is veel zand vanuit de PDO High School naar dit landje gebracht, waardoor het zeker 40 centimeter hoger ligt dan de omgeving. Dat is alleen maar gunstig, want dan zijn er geen overstromingen in de regentijd.

DE PLANNEN

Het landje is nu half groentetuin en half een wildernis. Er is al een grondwaterbron en elektriciteit. Ik loop rond met de dames en ik vertel ze hoe ik het hotelletje voor me zie. Ik maak wat schetsen in Chan Chan’s notitieboekje. Ze wordt er wel enthousiast van. Dat is leuk om te zien. ‘It is a big project’, zegt ze, ‘but I like it, because it is so different than the other projects at PDO.’ Het hele terrein zou ommuurd moeten worden liefst met een natuurstenen muur. Dat is goedkoper dan een bakstenen muur, die afgesmeerd wordt. Natuursteen is in overvloed in dit land. Mijn idee is dat er driemaal drie aan elkaar geschakelde huisjes komen staan. Het grondplan van een huisje is 7 x 7 meter, met een veranda voor elk huisje van 2 meter diep en 7 meter breed. Ik teken ook de binnenkant, met de luxe badkamer, het bed, de zithoek en de open kast, die Frederique en ik afgelopen jaar gezien hebben in Vietnam. In het midden van het terrein komt een groot overdekt terras, rondom helemaal open, waar gegeten kan worden, waar tafels en banken staan om te relaxen en waar het goed toeven is in het warme Mandalay. We hebben zoiets twee jaar geleden op Bali gezien. Er moeten op het terrein ook nog twee gebouwtjes geplaatst worden van twee verdiepingen in dezelfde stijl. Het ene gebouwtje huisvest onderin de receptie en de keuken en bovenin een woning voor de lokale staf. Het andere gebouwtje huisvest onderin een meditatieruimte en bovenin een tweede woning. Wie daar gaat wonen? Misschien Frederique en ik in de toekomst? Of iemand van een hotelschool in Nederland die de hotelmanagementtraining gaat verzorgen?

OPLEIDING IN HOTELMANAGEMENT

Ons plan is namelijk dat een stuk of zes afgestudeerde jongeren van The Golden House een jaar lang een intensieve hoteltraining kunnen volgen in het hotel. We leren ze hoe hotelmanagement werkt, hoe ze moeten gidsen, koken, schoonmaken, tuinieren en de administratie doen. Na een jaar zijn ze klaar om in een willekeurig hotel in Mandalay te gaan werken en zelf de kost te verdienen. Er zijn honderden hotels in de stad. En dan kan de volgende groep starten. Uiteraard wordt dit een project dat eerst goed uitgewerkt moet worden. Daarnaast zullen we hier een nieuwe bron van sponsors voor moeten zien te vinden. Want met een ton aan investeringen ben je er niet. Het hotel moet aan de westerse maatstaven voldoen. Alleen dan is er ook een marktconform inkomen te genereren. Ik zie het al helemaal voor me: de uitstraling van een klein Birmees dorpje en de luxe van een groot hotel. Ik ben benieuwd of U Nayaka vanmiddag ook enthousiast is.

AFRONDING FINANCIEN

Ik lunch op mijn kamer en maak de financiële verantwoording verder in orde. Als ik de laatste gegevens in de spreadsheet heb gezet, kloppen cijfers op 350 kyat nauwkeurig. En dat is ongeveer 35 eurocent. Intussen heb ik alle nota’s gesorteerd, genummerd en gecategoriseerd. Ook heb ik de stapels met geld klaargemaakt die ik achterlaat voor Nann Myint (bridging class), Yi Mon (The Golden House) en de kassier (onderhoud). Daarna loop ik naar Yi Mon om haar mee te nemen naar U Nayaka, waarmee ik om 15.00 uur mijn laatste bespreking heb.

AFRONDEND GESPEK MET U NAYAKA

Ik vertel U Nayaka allereerst over onze grote schoonmaakactie. Daar is hij verheugd over. ‘Maar daar moet Yi Mon ook gedurende het jaar goed op letten’, zegt hij. Daar heeft hij natuurlijk gelijk in, maar dit land is nu eenmaal niet zo opgeruimd en soms is het goed als iemand met een frisse blik kijkt. ‘That’s true, Nico’, zegt hij lachend. Ik laat hem vervolgens het overzicht zien van alle zaken die we ditmaal aangeschaft hebben en nog aan zullen schaffen voor The Golden House. Ook laat ik hem het overzicht zien van de onderhoudszaken die ik door Chan Chan heb laten begroten. Ik zeg hem toe dat we geld daarvoor z.s.m. zullen overmaken. Onze Australische partner Brian Pringle zal dat gaan betalen. Hij geeft aan dat hij blij is met de ondersteuning die we als NGO al zes jaar geven aan deze woongroep. Als ik U Nayaka aansluitend laat zien wat we allemaal aangeschaft hebben voor de bridging class en wat er allemaal in gang is gezet, is hij erg onder de indruk. Hij geeft aan dat hij dit niet op deze schaal verwacht had. Hij is er enorm blij mee. Ik vertel hem kort over de bridging party van gisterenavond en laat hem wat foto’s zien. Hij moet ook lachen om de jongens die zich als meisjes hebben verkleed. Tot slot spreken we nog even over het bezoeken van de geboortedorpen van een aantal kinderen. Dat willen Frederique en ik deze zomer graag doen, samen met Yi Mon en de betreffende kinderen. Hij pakt meteen zijn telefoon en belt met het klooster in Mawgyune, waar hij goede contacten mee heeft en van waaruit het nog slechts twee uur varen is naar de dorpen. Hij krijgt meteen door dat dit al een tijdje mogelijk is voor toeristen. Dat is gaaf. Dan kunnen Frederique en ik dit gaan plannen, samen met Yi Mon. En daarmee sluiten we ons gesprek af. We schudden elkaar en nemen voor de dertiende keer afscheid voor een half jaar. In juli zullen Frederique en ik hier weer zijn.

BANANENPANNENKOEKJES

Na het gesprek ga ik met Elke, Sacha en Sharon eten in het theehuis aan de overkant van de straat. We weten inmiddels welke pannenkoekjes we moeten bestellen: bananenpannenkoekjes. Ze zijn wat vettig, maar smaken voortreffelijk. ‘We zullen je missen vanaf vrijdag’, zegt Elke. De anderen knikken. ‘Het is zo gezellig om elkaar elke dag even te zien en te spreken, steeds weer op verschillende momenten.’ ‘Ik wil helemaal niet naar huis’, zeg ik jammerend. De meiden moeten lachen. Daarna lopen we samen naar The Golden House, alwaar ik de nieuwe televisie aansluit in het jongenshuis en de DVD-speler in het meisjeshuis. Daar doen we een uurtje karaoke. Uiteraard met de muziek van Justin Bieber. De kinderen kennen alle teksten uit hun hoofd, althans fonetisch. Elke, Sacha en Sharon doen vrolijk mee. En dan gaat het geluidsniveau weer terug naar nul, want de studenten die in leerjaar 11 zitten (en dat zijn er veel) hebben morgen een testexamen en daar moeten ze in alle rust voor kunnen leren.

PLANNEN MAKEN MET YI MON

Ik breng de rest van avond door met Yi Mon, waarmee ik een goed gesprek heb. We hebben het over een aantal jongeren, die nooit zullen slagen voor hun middelbare school, omdat het examen te moeilijk voor ze is. Het zou mooi zijn als ze wel deelnemen aan het bridging programma om hun Engels te verbeteren. We gaan ze daartoe aanmoedigen. Tot slot spreken we wat uitgebreider over het bezoek van de geboortedorpen van een aantal kinderen. Het is een reis van ruim twee dagen, met een nacht in een nachtbus en een nacht op een nachtboot. We zijn op de heen- en terugweg een volle dag in de voormalige hoofdstad Yangon en kunnen daar van alles bekijken, zoals de Swedagon Pagode. Ook kunnen we in en om het stadje Mawgyune het nodige bezichtigen. Het fijnste is als we daar een guesthouse kunnen vinden, zodat we een paar nachten goed kunnen slapen. Eventueel kunnen Frederique en ik vanuit Yangon terugvliegen naar Bangkok. Dat scheelt weer een nacht in de nachtbus. En dan is het inmiddels 22.45 uur en tijd om naar het hotel te gaan.

DONDERDAG19 FEBRUARI 2015

PLANNEN VOOR VANAVOND

Ik begin de ochtend rustig op het overdekte terras van mijn hotel. Ik heb vanmorgen eindelijk eens een beetje kunnen uitslapen. Dat is er niet echt van gekomen in de afgelopen twee weken. Er was zoveel te doen! Terwijl ik mijn ontbijtje nuttig en mijn reisverslag typ, bedenk ik opeens dat het leuk zou zijn om hier vanavond samen te eten met de staf, de studenten en de docenten. Om een uur of twaalf loop ik naar voren en vraag aan de dochter en schoonzoon van de hoteleigenaar of dit mogelijk is. Ze zeggen meteen ja. Samen met hen maak ik een lijstje van gerechten die ze kunnen serveren. Er moet nogal wat vegetarisch eten bij zitten, want we hebben drie vegetariërs in ons midden. En graag wat vers fruit na. Ook dat is geen probleem. Ziezo, dat is geregeld.

FOTO’S VOOR VERSLAG

Als ik bij The Golden House aankom, zet ik één voor één de jongeren op de foto die op dit moment al naar de bridging class gaan. Vanavond zet ik de jongeren op de foto die hier interesse in hebben, maar eerst nog eindexamen moeten doen (leerjaar 11). Gewillig gaan ze allemaal voor de camera staan. Soms moet ik ‘pjoo’ roepen om ze aan het lachen te krijgen. Na een half uurtje staat iedereen erop. Aansluitend schroef ik met Yi Mon de airco in elkaar en vullen we die met water. Ik ben benieuwd of het systeem echt werkt om de ruimte te koelen. De zomer komt eraan. Het wordt elke dag een beetje warmer, dus we zullen zien.

DE ETNISCHE GROEP

We praten samen over de afgelopen twee weken en laten alles wat we gedaan hebben nog eens de revue passeren. We hebben de boel netjes op orde in The Golden House. Het verschil met de etnische groep wordt steeds groter. Dat is eigenlijk geen wenselijke situatie. Yi Mon vraagt of we als stichting nog plannen hebben om aan de woonsituatie van de 180 etnische meisjes iets te veranderen? Ik zeg dat we het daar wel over gehad hebben, maar dat we bezorgd zijn dat er alleen maar nog meer kinderen bij komen. Als we het stenen huis en het bamboe huis van de etnische groep platgooien en op die plaats gaan bouwen, waar moeten die kinderen dan zolang naartoe? Als die verdeeld worden over de andere woongroepen en slaapgebouwen, weten we helemaal niet meer waar we blijven. De bouw van een nieuwe woonvoorziening duurt namelijk gauw een schooljaar. Terwijl we zitten te praten, krijg ik opeens een goed idee. We zouden op een andere plek een nieuwe woonvoorziening kunnen plaatsen. Als we dat dichtbij The Golden House doen dan kan het één grote woongroep worden. De kleine etnische meisjes zouden in huis 1 kunnen wonen, onder de beschermende vleugels van Yi Mon. In huis 2 wonen de grotere meisjes, die ook zorg nodig hebben en waarvoor dagelijks gekookt wordt. In de Pandaw House blijven de jongens wonen. En het nieuwe huis gaat plaats bieden aan 180 meisjes, die zelf koken. Yi Mon is meteen enthousiast.

PLANNEN MAKEN MET CHAN CHAN

Ik loop met haar naar buiten en zeg: ‘De rechtse helft van het voetbalveld zou een perfecte plek zijn. Dan houd je toch nog een aardig speelveld over. Dat kan in de toekomst een volleybalveld worden. Als na een jaar de etnische meisjes over kunnen naar hun nieuwe gebouw, kunnen de oude gebouwen afgebroken worden en kan er een nieuw voetbalveld gerealiseerd worden naast het novicen-verblijf. En laten dat nu net de jongens zijn die het meeste voetballen. De staf kan samengevoegd worden tot één groep. En we kunnen de succesformule van The Golden House - fulltime staf - verder uitrollen. We zijn zo enthousiast over het idee dat we er Chan Chan bij halen. Ze pakt haar schrijfblokje en loopt met ons mee naar het voetbalveld. We leggen haar onze plannen uit en ze denkt volop mee. De benedenverdieping zou een grote ruimte moeten worden voor eten, studeren en recreatie, net zoals in huis 2. Ook kunnen er drie stafvertrekken gerealiseerd worden. Op de eerste en tweede verdieping maken we elk drie kamers. Iedere kamer biedt ruimte aan 30 meisjes. Het huis heeft een vloeroppervlak van 11 x 17 meter. Dat is 1,5 keer zo groot als huis 2. Op het dak wordt een keuken gebouwd en douches.

DE KOSTEN

Het huidige voetbalveld is 14 x 26 meter groot. We lopen naar het terrein waar nu de etnische woongroep staat. Ook daar meten we het terrein op. Het is 12 x 30 meter. Dat is ongeveer net zo groot en zou uitermate geschikt zijn om het nieuwe voetbalveld te worden. Er moet dan wel een vier meter hoog hek met gaas omheen geplaatst worden. Maar dat van latere zorg. We lopen terug naar de plek waar we zouden kunnen bouwen. Chan Chan vertelt dat het huidige voetbalveld eigenlijk ‘playground’ moet blijven, omdat U Nayaka dat beloofd heeft aan het Britse consulaat. Maar U Nayaka kennende is daar wel een mouw aan te passen. Chan Chan rekent uit dat het nieuwe gebouw ruwweg zo’n 40.000 dollar per bouwlaag zal kosten. Ik bedenk me dat wij samen met onze Australische sponsor Brian Pringle de eerste bouwlaag voor onze rekening zouden kunnen nemen. We kunnen contact opnemen met onze Duitse partnerorganisatie Förderverein Myanmar. Zij klagen al jaren dat de etnische groep niet op orde is. Wellicht willen zij ook een bouwlaag bekostigen. De derde zouden we aan U Nayaka over kunnen laten. Jammer dat we dit idee niet meer met U Nayaka kunnen bespreken. Hij is vanmorgen naar Yangon vertrokken voor een belangrijke bespreking. Misschien dat ik hem morgen nog kan bellen. Anders ga ik de plannen bij thuiskomst op de mail zetten.

GOED WERK EN PRUTSWERK

Het is inmiddels 15.30 uur en ik ga snel even in de bridging class kijken. Daar zijn de elektriciens van buiten de school bezig om de stroom aan te leggen voor de laptop, de beamer en de speakers. Dat zet er goed uit. Enkele jongemannen van de technische afdeling van de school hangen het scherm op. Volgens Nann Myint rolde het scherm niet goed op en hebben ze het helemaal uit elkaar gehaald. ‘dat meen je niet’, zeg ik, ‘dan kan het niet meer teruggebracht worden.’ Ze hebben het weer gerepareerd, maar er zitten nu al kreukels in en vlekken op. Als ze het opnieuw proberen op te rollen, klapt de veer eruit. Ik kan het gepruts niet aanzien en vertrek. Ik hoop niet dat ze deze investering van 135 dollar naar de knoppen helpen.

BELANGSTELLING VOOR BRIDGING

Ik loop terug naar het hotel om me te douchen voor het diner. Ik ben licht verbrand. Ik had niet gepland om zoveel buiten te zijn. Na het douchen smeer ik me goed in met after sun. Daarna ga ik foto’s maken van de jongeren van The Golden House, die belangstelling hebben om volgend jaar naar de bridging class te gaan. Er verzamelen zich 17 jongens. Dat zijn alle jongens die op dit moment in het examenjaar zitten. Van de 60 meisjes die in het examenjaar zitten willen er 38 naar de bridging class. Geweldig zou je denken - en dat is ook zo - maar helaas zal maar 15% van de jongeren slagen voor het eindexamen. Maar van de andere kant… dat zijn wel weer 8 nieuwe studenten van The Golden House die deelnemen aan het programma. Toen de bridging class anderhalf jaar geleden startte, zijn 5 jongeren van onze woongroep gestart. Een half jaar later startten 7 jongeren en stroomden de 5 door naar niveau twee. Het derde half jaar startten opnieuw 7 jongeren. Dat was nadat het bekend werd dat wij dit programma zouden gaan ondersteunen. Als volgend jaar 8 nieuwe jongeren zouden starten, hebben we al meer dan 25 jongeren die aan het bridging programma deelnemen. Dat is meer dan verwacht. Daar zullen onze sponsors ook blij mee zijn.

DINEREN MET MIJN VRIENDEN

Om 18.00 uur loop ik nog even snel naar de kamer van Bradley. Volgens mij weet hij nog niet dat we vanavond in mijn hotel eten. Het is maar goed dat ik het even check, want ligt te slapen. We gaan zo eten, zeg ik. ‘Oh, dat is waar ook’, zegt hij. ‘Ik ga me gauw even douchen en dan kom ik eraan’. Ik vertel hem dat we in mijn hotel eten. Voor The Golden House staan Elke, Sacha en Sharon al te wachten, samen met Tsai Tsai en Lya. Yi Mon moet nog komen. Julie, Lena en Nann Myint komen op eigen gelegenheid. Ik loop snel naar het hotel en zeg tegen Han Soe en zijn vrouw dat de gasten nog even op zich laten wachten. Geen probleem, zeggen ze. Om 18.30 uur zijn we compleet. De lange tafel op het overdekte terras ziet er gezellig uit. We drinken alvast wat en ik krijg van Yi Mon twee presentjes. In pakje 1 zit een mooie windgong van kralen en een belletje. Ik vertel mijn tafelgasten dat ik die in de lente op ons terras zal hangen en iedere keer aan ze zal denken als het belletje rinkelt. Pakje 2 is voor Frederique en zal ik morgen meenemen naar Nederland. Om 19.00 uur wordt het eten geserveerd en mijn gasten smullen ervan. Het is gezellig en er wordt veel bepraat. Op een gegeven moment wenk ik de hotelstaf (een aantal jongeren) en zeg ik ‘bi bi’. Dat betekent: We zijn klaar. Alles wordt netjes opgeruimd en we krijgen nog wat fruit na: verse ananas, papaja en watermeloen. Zo rond 20.15 uur geeft Yi Mon aan dat ze graag terug naar de kinderen wil. Iedereen bedankt me voor de uitnodiging, de gezelligheid en de lekkere maaltijd. Dit was heel geslaagd. We steken de straat over, ik open met mijn sleutel de schoolpoort. Dat zal de voorlaatste keer zijn. Als ik straks door de kinderen en Yi Mon voor de laatste keer naar de poort gebracht word, overhandig ik traditiegetrouw de sleutel aan Yi Mon. Ik neem afscheid van iedereen en ga dan met de meiden nog even naar The Golden House.

AFSCHEID NEMEN

Er wordt druk gestudeerd voor de schoolexamens. Leerjaar 6 tot en met 11 hebben nog examens. De kleintjes zijn klaar en hebben al vakantie. Ik neem overal afscheid en sta nog een hele tijd met Tsai Tsai en een aantal meiden voor huis 2 te kletsen. Ik vraag de meisjes of ze geen leuke ‘boyfriend’ weten voor Tsai Tsai en onze kokkin Yi. Ze noemen twee acteurs die ze kennen van televisie. Ik pak mijn hotelsleutel, die aan een grote houten klos hangt en doe net of ik die acteurs bel. Half in het Engels en half in het Birmees. We liggen in een deuk samen. Ik geef de zogenaamde telefoon aan Tsai Tsai. Hilariteit ten top. Daarna ga ik nog even met een stel meisjes naar het dak van de school. Vandaaruit heb je een prachtig uitzicht over de stad en de tempels op Mandalay Hill. Ze doen niks liever dan kletsen met mij en ik knuffel me wat af. Er is echt behoefte aan een vaderfiguur hier. Fijn dat ik die rol een week of vier per jaar kan vervullen. En dan is het tijd om echt afscheid te nemen. Samen met Yi Mon en wat kinderen wandelen we naar de schoolpoort. Nadat ik erdoor ben, de poort weer is gesloten, ik ‘ee pjoo baa see’ heb gezegd en zij ‘slaap lekker’, steek ik de sleutel door spijlen en pakt Yi Mon die aan. Dat was het dan weer. De twee weken zijn omgevlogen. Tevreden en tegelijkertijd een beetje verdrietig steek ik de straat over. Het zal ruim vijf maanden verder zijn dat ik hier weer sta, maar dan samen met Frederique.

VRIJDAG 20 FEBRUARI 2015

INPAKKEN

De wekker gaat om 9.15 uur. Ik begin met het inpakken van mijn rugzak. Dat gaat een stuk sneller dan thuis. Het grootste gedeelte bestaat uit vuile was. Tussendoor snel even douchen. Ik ontbijt in m’n kamer, zodat ik daarna de laatste spulletjes, zoals mijn tandenborstel, in kan pakken. Ik loop naar de hoteleigenaar om te betalen. De kamer kost 27 dollar per nacht. Het diner van gisterenavond 40 dollar. Dat valt mee voor 11 personen. Terwijl ik check of ik echt niks vergeten ben, wordt er door Han Soe, de schoonzoon van de hoteleigenaar, op de deur geklopt. ‘Yi Mon is er met het taxibusje’, zegt hij. De hotelstaf neemt mijn bagage mee naar voren en ik kijk nog eenmaal om. ‘Tot over vijf maanden’, zeg ik in mijzelf.

DE LAATSTE HARTELIJKHEDEN

Yi Mon, Tsai Tsai, Elke, Sacha en Sharon brengen me naar het vliegveld. Maar niet voordat ik afscheid genomen heb van een twintigtal kinderen die aan de overkant van de straat staan te wachten op een laatste knuffel van hun ‘tsi peepee’. Wat lief dat ze gekomen zijn. Onderweg naar het vliegveld wisselen we nog wat laatste informatie en hartelijkheden uit. Ik vraag of de meiden komende week nog wat goede foto’s van de nieuwe bridging class willen mailen. Dat beloven ze. Ik wens Elke, Sacha en Sharon heel veel succes tijdens hun stage. Voor hen zal het afscheid na tien weken wellicht nog zwaarder zijn. Als ze me zo meteen afgezet hebben bij het vliegveld, rijden ze naar de U Bein Bridge, de langste teakhouten brug van de wereld. De antieke brug verbindt de ene oever van een meer met de andere. Veel water zal er waarschijnlijk niet in het meer staan, maar dat maakt het uitzicht niet minder mooi. Op de drooggevallen stukken land wordt groente verbouwd. De U Bein Bridge ligt vlakbij het vliegveld.

DE TRANEN VAN YI MON

Op het vliegveld doen we een groepsknuffel. We praten nog een beetje. Tsai Tsai komt nog een extra knuffel halen. En even later Yi Mon ook. Ze houd me een tijdje heel stevig vast. Ik weet dat ze me heel erg zal missen en dat is wederzijds. Ik ben na zes jaar een vriend en een vaste waarde voor haar geworden. Ik denk dat ze in The Golden House soms iemand mist waar ze echt goed mee kan sparren, iemand met frisse ideeën, iemand die doorpakt en zaken echt in gang kan zetten en waarop zij kan leunen qua verantwoordelijkheden. Een rots in de branding. Ik zie de tranen achter haar ogen branden. Nog een laatste knuffel voor Elke, Sacha en Sharon, en dan sluit ik aan in de lange rij voor het inchecken. Als ik zwaai, terwijl de dames naar de uitgang lopen, zie ik Yi Mon huilen. Tsai Tsai en de meiden slaan een arm om haar heen en zwaaien nog een allerlaatste keer. Dat was het dan. Ik ben opgelucht en een beetje verdrietig tegelijk. Ik kijk terug op een heel vruchtbaar werkbezoek. Misschien wel het beste van allemaal. Wat ik deze keer met name ervaren heb, is dat ik me zo thuis voel in Myanmar, tussen al deze hartelijke mensen. Ik vlieg nu letterlijk en figuurlijk terug naar mijn andere leven. Zou er een toekomst zijn voor Frederique en mij in Myanmar? We zullen zien…

PS

De douanebeambten die me fouilleren maken in het Birmees een grapje over mijn snor. Ik hoor het woord Nakkamwee. Ik zeg lachend: Tennoh koo pjoo nee daa laa? Dat betekent: Maak je grapjes over mij? Ik zie vervolgens die drie douanebeambten schrikken, rood kleuren en verlegen lachen. Best handig als je een woordje over de grens spreekt!