Ontvang onze nieuwsbrief
Stichting World Child Care

Stichting World Child Care ondersteunt kansarme (wees)kinderen en jongeren tot en met twintig jaar, die leven in ontwikkelingslanden. Denk daarbij aan gezonde voeding, kleding, huisvesting, educatie, hygiƫne en medische verzorging. World Child Care is momenteel met name actief in Myanmar.

Werkbezoek juli 2015

Werkbezoek juli 2015 Dit reisverslag is op persoonlijke titel geschreven door Nico Schoenmakers, tijdens zijn werkbezoek aan de PDO High School in Mandalay in juli 2015. De inhoud vertegenwoordigt niet perse de mening of visie van het bestuur van de stichting. In dit geval betreft het een bezoek samen met zijn vrouw Frederique. In het verslag komen vele namen voor. De belangrijkste zijn U Nayaka, hoofd van de PDO High School, Yi Mon, hoofdleidster van de woongroep The Golden House, alsmede Cho Cho en Tsai Tsai, stafleden van de woongroep.

REISVERSLAG JULI-AUGUSTUS 2015

DE HEENREIS

Charlotte, of eh… Pascalle, of nee… Chantalle, zo zal onze lieftallige stewardess van Air France wel heten. Ze moet vast een mooie Franse naam hebben, want ze is zo aardig voor ons. Terwijl we nog liggen te slapen, heeft ze onze tafeltjes alvast uitgeklapt. Ze knijpt zachtjes in mijn arm, terwijl ze het dienblaadje met ons ontbijt neerzet. Nog een tweede kopje thee of koffie? Ze lacht er zo vriendelijk bij. Tja, zo kom je een vlucht van meer dan tien uur wel door. Om 7.00 uur landen we in Bangkok. Au revoir Chantalle!

ZONDAG 19 JULI

DWARSLIGGERS

Feung Nakorn Balcony Hotel… wie verzint er nou zo’n naam? Waar zijn die balkons eigenlijk? Ach alle kamers komen uit op een binnenplaats en de galerij heeft een hekwerk. Dat zal het derde woord wel verklaren. Ik vrees dat we er niet achter zullen komen wat Feung Nakorn betekent. Maar wat geeft het? De locatie is perfect, vlakbij de bezienswaardigheden en Kao San Road. Dat is het centrum voor de rugzaktoeristen in Bangkok. De staf is vriendelijk en ons bed is king size. Het is zelfs breder dan dat het lang is. ‘Zullen we gaan dwarsliggen?’, vraag ik Frederique. ‘Dat je normaal toch ook al’, zegt ze met een lach. ‘Dat is waar’, zeg ik. We frissen ons wat op en slapen dan lekker nog een paar uurtjes.

KHLONG

Aan de overzijde van de grote rivier die Bangkok in tweeën deelt, ligt de Wat Arun. Die pagode hebben we in 2003 niet gezien. Je bereikt het bouwwerk alleen per boot. Een overtocht kost slechts een dubbeltje, wist onze receptioniste vanmorgen te vertellen. Aangekomen bij het haventje is het een drukte van jewelste op de steiger. Wil iedereen naar de overkant? Nee, gelukkig niet. De fraaie tempel, die je aan vier kanten met een steile trap kunt beklimmen, staat volledig in de steigers. Een blikseminslag heeft enkele maanden geleden voor nogal wat schade gezorgd. De pagode is tijdelijk gesloten. “You want to make a boat trip?” Dat vraagt een onguur kereltje, die hier duidelijk de dienst uitmaakt. Je vaart een uur lang over de rivier en door de kanaaltjes, de zogeheten Khlongs. “It cost 700 bath per person, but when you share a boat it is only 500 bath.” ‘Khlong’, klinkt het in mijn hoofd. Dat is 15 euro per person voor een uurtje? Dat doen we toch maar niet.

BESTAAT TOEVAL?

Maar wat dan gedaan vanmiddag? Ik spreek twee jongmannen aan, die ook staan te wachten, en vraag wat zij voor boottocht hebben geboekt? “We will just take the local ferry boat and jump of at some nice place downtown”, zegt de ene jongeman met het Franse accent. “It costs only 15 bath”, zegt de andere jongen lachend. “Dat kunnen we ook doen”, zeg ik tegen Frederique. “Ah, Nederlanders”, zegt hij, ik dacht het al te horen aan het accent. “Hoi, ik ben Nick, zegt hij en ik kom uit Rotterdam”. “Bonjour, I am Kamil, and I am from Paris”, zegt de andere jongeman. Nadat wij ons ook voorgesteld hebben, raken we al gauw verzeild in een geanimeerd gesprek over reizen, levenservaring opdoen, de aantrekkingskracht van Azië en ons project in Myanmar. Nick (21) en Kamil (32) hebben elkaar vanmorgen ontmoet op Kao San Road en besloten om de dag samen door te brengen. Ze hadden elkaar net verteld dat ze een paar weken door Myanmar wilden gaan reizen. En wat een toeval, nu ontmoeten ze twee ervaren Myanmar-gangers met ook nog eens een mooi verhaal. Of zou toeval niet bestaan?

GLIMLACH

De lokale ferry boat is een belevenis. Nick en Kamil laten een kaartje zien aan de conducteur. Die komt niet meer bij. “Dat is van een andere boot”, zegt hij, “en ook nog eens van gisteren”. De heren lachen schaapachtig mee. Ha, alsof ze dat niet wisten… Even later hebben we alle vier een nieuw kaartje voor slechts 15 bath per persoon gekocht. We worden doof van het fluitje van de conducteur, waarmee hij contact legt met elke aanlegsteiger die we passeren. Maar nog dover worden we van het geschreeuw van zijn hulpje. Het bootsmeisje wil ons allemaal benedendeks hebben, maar wij doen net of we dat niet begrijpen. We geven haar een knipoog als we vijf haltes verder van de boot springen. Er kan gelukkig een glimlachje af en ze schud een keer met haar hoofd. Die eigenwijze toeristen ook altijd. Thailand wordt het land van de eeuwige glimlach genoemd, maar daar merk je in het hectische Bangkok helaas niet veel meer van.

GOEDE GESPREKKEN

We hebben een leuke middag en avond met Nick en Kamil. Nick maakt een wereldreis van een half jaar. Hij heeft ‘International Business’ gestuurd en de HBO-studie in twee jaar afgerond. Hij wil een eigen zaak beginnen, maar weet nog niet in welke branche. Hij wil eerst de nodige levenservaring opdoen. Kamil ontvlucht elk half jaar een maand de drukte en hectiek van Parijs. Ze hangen aan onze lippen als we over Myanmar, de school, het project, de weeskinderen en het boeddhisme vertellen. We genieten alle vier van de leuke gesprekken.

GELAAGDHEID

Tijdens het avondeten en later in een bar aan Kao San Road, genietend van life muziek, hebben we het over de verschillen en overeenkomsten tussen onze wereld en deze wereld. Als je voor het eerst in Azië komt, ben je verbaasd over wat je ziet, hoort, ruikt, proeft en voelt. Je zintuigen draaien op volle toeren. Je ervaart ten volle de verschillen tussen onze werelden. Je zou dat de eerste laag kunnen noemen. Als je meer contact krijgt met de lokale bevolking, ontdek je ook veel overeenkomsten. Met name wat betreft waarden en normen. Het boeddhisme lijkt in veel opzichten op het christendom. Wat Jezus ons voorgeleefd heeft, heeft Boeddha de mensen hier meegegeven: liefde, vergevingsgezindheid, zorg voor de medemens, respect voor alles wat leeft, etc.. Dat is de tweede laag.

DRAAGVLAK CREEREN

Maar pas als je veel langer hier bent, met de lokale bevolking samenwerkt, met jouw overtuiging een project probeert op te zetten, loop je tegen immense culturele verschillen aan. En dat terwijl je in de basis dezelfde waarden en normen uitdraagt. Dat is de derde laag, die je aanboort. En dat kan tot teleurstelling leiden, als je niet bereid bent om goed te luisteren naar wat men hier belangrijk vindt. Het betekent: veel communiceren, flexibel zijn, plannen bijstellen, twee stappen vooruit zetten en weer één terug, geduldig blijven en heel langzaam draagvlak creëren voor veranderingen. Alleen dan beklijft het. En daar heb je een lange adem voor nodig, wetende dat sommige zaken nooit zullen veranderen. Nick vraagt of er nog een vierde laag is? “Misschien wel”, zeg ik, “maar die heb ik nog niet ontdekt. Misschien komt die in beeld als je hier voorgoed gaat wonen en heel langzaam de cultuur en gebruiken van de mensen overneemt.”

MAANDAG 20 JULI

CHINEZEN

De titel van dit paragraafje zou het idee kunnen wekken dat we vandaag gaan chinezen. Maar dat bedoel ik niet. We staan aan de poort van het koninklijk paleis in Bangkok en van de 20.000 mensen die vandaag op een gewone doordeweekse dag het paleis bezoeken, komt de helft uit China. De Aziatische landen worden de laatste drie jaar overspoeld door een invasie van Chinezen. De welvaart in China is op een punt gekomen dat de middenklasse voldoende geld verdient om te gaan reizen. Het is ze van harte gegund uiteraard. Toch heeft het ook z’n keerzijde. Met name de Chinezen die in groepen reizen, zijn erg luidruchtig en hebben meer belangstelling voor elkaar dan voor de cultuur en bezienswaardigheden van hun gastland. Hun kinderen gedragen zich als brutale westerse pubers. De serene rust die het paleis eens uitstraalde, toen er maar enkele duizenden bezoekers per dag kwamen, is helemaal weg. Overal proberen mensen zichzelf op de foto te zetten met het paleis op de achtergrond. Meteen naar Facebook of andere sociale media en delen waar jij je op dat moment bevindt. Onze zap-cultuur is razendsnel veranderd in een snapshot-cultuur. Het wordt allemaal zo vluchtig en inhoudsloos. Het paleis is er niet minder mooi om. En ondanks dat we over de koppen kunnen lopen, genieten we van de prachtige architectuur, het houtsnijwerk, de beelden, de stupa’s en de prachtige schilderingen.

CONTRASTEN

We willen eigenlijk ook nog de Wat Pho bezoeken, maar daar is het net zo druk als in het paleis. Dus besluiten we om enkele andere bezienswaardigheden te bekijken op weg naar ons hotel. In het rustieke Saranrom Park zijn militairen aan het oefenen. Ze moeten allerlei commando’s opvolgen. Rekruten zo te zien, want het loopt allemaal nog niet zo soepel en synchroon. Bij de Ratchabophit Pagode, tegenover ons hotel, zijn we de enige bezoekers. Van de Wat Suthat zijn we echt onder de indruk. Het is een prachtig tempelcomplex en er komt geen enkele toerist. De entree bedraagt slechts 1 dollar. Enkele Thaise mensen vereren er Boeddha in de prachtig beschilderde centrale hal. Het is een oase van rust in de metropool Bangkok. Want een mega-stad is het. Dat ervoeren we weer eens toen we van het vliegveld naar de stad gebracht werden. Er is in de afgelopen 15 jaar een compleet nieuw wegennet aangelegd op twintig meter hoogte boven de stad. Om de enorme betonnen pijlers en viaducten te kunnen plaatsen, zijn speciale machines gebouwd. Het doet futuristisch aan, alsof je je op de filmset van een sciencefiction film begeeft. Onder de bruggen leven mensen onder plastic zeiltjes. Wat een contrasten in deze stad.

THEESHOP

Naast ons hotel bevindt zich een sfeervol ingericht theehuisje. De eigenaar heeft er een soort brocante van gemaakt. Het 120 jaar oude huisje staat vol met teakhouten meubilair, vazen en beelden. Aan de muur hangen oude landkaarten, portretten en houtsnijwerken ornamenten. Aan het plafond hangen wel vijftig verschillende lampjes. Er is een sfeervol dakterrasje met drie tafeltjes. Daar strijken we neer en genieten van geurige groene thee, cheesecake, koekjes en de rust. Om 19.00 uur lopen we voor de laatste keer richting Kao San Road om wat te eten. En daarmee besluiten we onze dagen in Bangkok.

DINSDAG 21 JULI

CARE FOR CHILDREN

Op Don Muang Airport, het oude vliegveld van Bangkok, ontmoeten we Hanny. Zij is vrijwilligster voor stichting Care for Children in Landsmeer. We kennen deze stichting, hun bestuurders en de twee weeshuizen die zij steunen aan het Inle Meer. In 2013 hebben we die weeshuizen bezocht, samen met onze voorzitster Nanneke en Claire, de zus van Frederique. We wisten van elkaar dat we in hetzelfde vliegtuig zouden zitten. Hanny heeft een nacht in Mandalay bijgeboekt, om ons project te kunnen bezoeken. Leuk om onze ervaringen over het land, de mensen en onze projecten uit te kunnen wisselen.

HET WEERZIEN

Onze leidsters Yi Mon, Cho Cho en Tsai Tsai komen ons ophalen. Ze staan te zwaaien achter de grote ramen die de hal van de bagagebanden scheidt van de aankomsthal. Wat heerlijk om ze weer te zien. Ons hart maakt telkens opnieuw een sprongetje. We kennen deze fantastische, toegewijde mensen nu al zeven jaar en het zijn onze vrienden geworden. Even de bagage door een ouderwets röntgenapparaat halen en dan kunnen we ze in onze armen sluiten. Ook Hanny wordt hartelijk begroet en met z’n allen stappen we in een minibusje.

KNUFFELEN

Als we bij het hotel aankomen, staat er al een grote groep kinderen bij de schoolpoort te wachten. Even onze spullen in de hotelkamer zetten en dan snel naar de overkant. Met een lange sliert kinderen aan onze armen lopen we het schoolterrein op. Vanuit het voetbalveld voor onze woongroep komen nog meer kinderen aangerend. Je kunt echt merken dat we hier met stadskinderen te maken hebben, die gewend zijn dat er veel buitenlanders op hun school rondlopen. Er is nauwelijks verlegenheid en er we worden eindeloos geknuffeld. Traditiegetrouw gaan we een tijdje in huis 1 zitten om even bij te kletsen. Het is ook traditie om bij aankomst een bezoekje te brengen aan het schoolhoofd U Nayaka. Hij is blij verrast om ons te zien. De goede man is inmiddels een jaar of 70, maar bruist nog van de energie. Ik spreek af dat we elkaar deze week nog zullen ontmoeten voor een aantal formele zaken.

ETEN MET HANNY

’s Avonds eten we met Hanny van Care for Children in restaurant Queen in de volksbuurt ten noorden van de school. We hebben elkaar veel te vertellen en te vragen. Het is Hanny meteen opgevallen dat wij een heel andere woonsituatie hebben dan haar stichting aan het Inle meer. Onze weeshuizen staan op het terrein van een hele grote school in een grote stad. De weeshuizen van Care for Children staan op het platteland en de kinderen gaan van daaruit naar een overheidsschooltje in het nabijgelegen dorp. Er is daar veel meer structuur en rust, terwijl onze kinderen heel spontaan, open en vrij zijn. Zij heeft te maken met een lokale stichting en een weeshuisvader die soms zijn eigen plan trekt, terwijl wij de samenwerking en overlegstructuur dik voor elkaar hebben. We zijn alle drie moe van het reizen en gaan op tijd slapen.

WOENSDAG 22 JULI

FRISSE BLIK

Om 12.00 uur rijden we terug richting Mandalay Airport. We gaan Ad en Rita ophalen. Ad is teamleider op het Elde College in Schijndel. We hebben als stichting met Kerstmis een grote sponsoractie gehad op deze middelbare school. Stichtingslid Annemarie en ik hebben in totaal 31 gastlessen van 50 minuten verzorgd voor de onderbouwleerlingen. Ad coördineerde dat voor ons en werd zo enthousiast over Myanmar dat hij er nu met zijn vrouw vakantie gaat houden. De eerste week van onze vakantie zullen we samen met hen in Mandalay doorbrengen. Als we een uurtje of twee later richting de stad rijden, kijken ze hun ogen uit. Ze zijn nog nooit in Azië op vakantie geweest. Wat voor ons na zeven jaar al heel gewoon is geworden, valt hun nog allemaal op. Leuk om in hun frisse blik en enthousiasme meegenomen te worden. “Hé, een ossenkar. Kijk die honderden scooters daar op het kruispunt. Oh, de mannen lopen ook in zo’n lange rok. Wat een rommel ligt er op straat. Jee zeg, wat zijn er veel kleine winkeltjes in deze stad. Hoeveel mensen kunnen er eigenlijk op één scooter? Zijn die stupa’s echt van goud?”

RONDLEIDING

Na de lunch steken we met Ad, Rita en Hanny, die inmiddels ook bij ons hotel is aangekomen, de weg over. We stellen ze eerst voor aan Yi Mon en de kinderen en geven ze dan een uitgebreide rondleiding over het schoolterrein. We beginnen bij de timmerwerkplaats, lopen dan langs het slaapgebouw van de grote meisjes, het immense schoolgebouw, de keuken waar elke dag gekookt wordt voor de kleinste kinderen, de watertoren en komen ten slotte aan bij het kantoor van U Nayaka, het schoolhoofd. Hij is er toevallig en moeten uiteraard even aanschuiven. Ik vertel U Nayaka dat de school van Ad een grote sponsoractie heeft gehouden en dat kinderen uit The Golden House al tweemaal skype-contact hebben gehad met leerlingen van het tweetalig vwo op het Elde College. “Thank you for your support”, zegt de hoofdmonnik tegen Ad.

ETNISCHE GROEP

We vervolgens onze rondleiding en lopen via de bibliotheek en het enorme novicen-verblijf naar de schoolkliniek. Hier werken artsen uit de stad vrijwillig een dagdeel per week en geven gratis behandelingen aan de kinderen van de school en aan arme mensen uit de stad. Daarna nemen we ook nog een kijkje in de woongroepen van de etnische kinderen en de straatkinderen. Vooral de etnische woongroep ziet er erbarmelijk uit. Bijna tweehonderd meisjes leven op elkaar gepakt in een bamboehuis en stenen huis van twee verdiepingen. De kinderen komen uit andere provincies, waar etnische minderheden wonen en waar ze niet de laatste twee jaar van de middelbare school kunnen doorlopen. Daarom komen ze naar de PDO High School in Mandalay. Nu we als stichting de huisvesting en levensomstandigheden in The Golden House op orde hebben, denken we er serieus over om dezelfde standaard te realiseren voor de etnische meisjes. Dat wordt één van mijn bespreekpunten tijdens dit werkbezoek. Wellicht kunnen we hierin samen optrekken met Förderverein Myanmar, de grote Duitse stichting uit Saarbrücken, die ook actief is op deze school.

BRIDGING CLASS

Onderweg komen we ook Amanda uit Duitsland tegen. Zij heeft vier maanden lesgegeven in het Bridging programma. Dat is een overbruggingsproject voor leerlingen die klaar zijn met hun middelbare school, naar de deeltijd universiteit gaan en ondertussen goed Engels willen leren, lezen, schrijven en spreken. We gaan in de toekomst vijf modules van een half jaar aanbieden. Maar Bridging is meer dan Engelse les. Het betekent actief studeren, presentaties verzorgen, discussiëren over alle mogelijke onderwerpen, kritisch leren denken en nog veel meer. We hebben als stichting in februari geïnvesteerd in dit project. Het lokaal voldoet nu aan onze westerse maatstaven. Er zijn laptops voor presentaties en zelfstudie, er hangt een beamer en scherm, er staat degelijk meubilair, we hebben een kopieerapparaat en airco aangeschaft en het lokaal heeft een eigen internetverbinding gekregen. Veel jongeren uit The Golden House nemen al deel aan het programma, maar ook docenten en stafleden van de school en jongeren van buiten de school. Bridging is inmiddels een community geworden. Met veel jongeren zit ik op Facebook en het is geweldig om hun enthousiasme en motivatie te ervaren.

CURRICULUM

In mei heeft stichtingslid Annemarie een werkbezoek gebracht aan de school en samen met Amanda en onze lokale coördinator Nann Myint het curriculum voor de eerste drie niveaus in kaart gebracht. Ik ga deze week nog een aantal gesprekken voeren met Amanda over de voortgang van het programma. Nann Myint, de jongere zus van onze hoofdleidster Yi Mon, is helaas niet aanwezig. Ze bezoekt net gedurende deze twee weken een workshopprogramma in San Francisco, waarvoor ze een studiebeurs heeft gekregen. Dat betekent dat ze niet op de video zal staan, die ik volgende week van het bridging programma ga maken. Maar voor Nann Myint uiteraard een geweldige kans om nieuwe inspiratie en kennis op te doen.

SAMEN ETEN

We nodigen Amanda uit om met ons te eten op het terras van ons hotel. We hebben veel ervaringen uit te wisselen. Ook voor Ad, Rita en Hanny is dit interessant. De dochter van de hoteleigenaar schotelt ons een lekker diner voor en voor we er erg in hebben is het bedtijd.

DONDERDAG 23 JULI

RELAXEN

We beginnen de dag rustig. Ad en Rita moeten nog acclimatiseren en wij ook nog een beetje. De hele ochtend praten we gezellig samen op het overdekte terras van ons hotel aan het water. Naast ons bloeien de lotusbloemen en waterhyacinten en de eekhoorns proberen de resten van het ontbijt te bemachtigen. We besluiten om vanmiddag met een taxi naar de Yankin Paya te gaan.

YANKIN PAYA

De Yankin Paya wordt ook wel Yankin Hill genoemd. Het zijn een paar heuvels aan oostkant van de stad. Je kijkt verder oostwaarts op de bergketen, die de grens met de Shan-provincie vormt. De heuvels zijn een aaneenschakeling van stupa’s, pagodes en tempeltjes. Aan de Noordkant van de stad ligt Mandalay Hill. Dat is een toeristische trekpleister. Yankin Hill is eigenlijk Mandalay Hill voor de lokale bevolking, zonder entreegeld, zonder souvenirkraampjes en daarom authentiek en zeker zo mooi. We beklimmen de eerste heuvel via een enorme overdekte trappengalerij met vele honderden traptreden. De zon schijnt volop, het is vochtig en dus ‘poe dè’, oftewel warm. We maken een prachtige wandeling van bijna drie uur. De hele route loop je overdekt. Boven ons is een fraai afdak op palen geplaatst, dat precies de glooiing van de heuvels en de trappengalerij volgt. Ik ben al menig keer op deze heuvels geweest. Er heerst een serene rust en het is een heerlijke plek om te schrijven en na te denken. Als ik alleen naar het project reis en het einde van mijn werkvakantie eindigt, kom ik hier tot mezelf tussen de eeuwenoude tempelmuren. Toen ik een fotoreportage moest maken voor het boek dat we geschreven hebben, heb ik Yi Mon en de kinderen meegenomen naar deze speciale plek en fraaie foto’s kunnen maken. Ook Ad en Rita kijken hun ogen uit en genieten van het uitzicht en al het bijzondere dat er te zien is.

VRIJDAG 24 JULI

PLANNEN

Vandaag trekken Ad en Rita er samen op uit. Ze hebben een motorbike gehuurd en rijden richting de U Bein Bridge, de langste teakhouten brug ter wereld (1,2 kilometer). Onderweg zullen ze vast nog andere bezienswaardigheden tegenkomen, zoals de werkplaatsen waar met de hand uit wit marmer de meest waanzinnige Boeddhabeelden gehakt en geslepen worden. Frederique gaat vandaag een dagje relaxen in het hotel. Ik heb vanmorgen mijn eerste bespreking met Amanda over het bridging programma. ’s Middags heb ik een bespreking met U Nayaka, het schoolhoofd.

BRIDGING PROGRAMMA

Amanda heeft vier maanden lesgegeven in de bridging class. Ze gaat bijna terug naar Duitsland. Daar gaat ze een universitaire studie Ontwikkelingssamenwerking doen, waar ze in januari 2017 mee klaar is. Ze wil dan graag voor een NGO in het buitenland werken. Amanda vertelt dat ze vier fantastische maanden heeft gehad. Ze heeft heel fijn samengewerkt met Nann Myint, de coördinator van het Bridging programma. De ontwikkeling van het curriculum voor de levels 1, 2 en 3 is inmiddels half klaar. Dit curriculum is niet specifiek bedoeld voor de taallessen (hoewel Engels natuurlijk in elke les een rol speelt), maar voor de lessen betreffende algemene kennis, sociale wetenschap en burgerschap. Er wordt op dit moment geen methode gebruikt voor de taallessen. We gaan kijken of er een Cambridge instituut is in Mandalay of Yangon, waarmee we contact kunnen leggen voor het taalonderwijs. In de periode van september tot december 2015 moet de rest van het curriculum voor de eerste drie levels beschreven worden. Het bridging project zou zeer gebaat zijn bij één of twee buitenlandse docenten die samen met Nann Myint het curriculum verder kunnen ontwikkelen. We gaan als stichting in Nederland kijken of er vanuit de docentenopleidingen belangstelling is voor buitenlandstages. Het is wenselijk dat het programma in de toekomst eigen docenten krijgt. De zes lokale docenten die nu de lessen verzorgen, hebben hun hoofdtaak liggen bij andere departementen en dat levert soms frictie op. De vijf laptops die we aangeschaft hebben, worden intensief gebruikt. Extra laptops voor zelfstudie zijn welkom. Het door ons ingerichte klaslokaal wordt intensief gebruikt: 07.00-08.30 Level 3, 09.00-10.00 General A, 14.00-15.00 General B, 15.00-16.00 General C, 16.00-17.30 Level 1, 17.30-19.00 Level 2 en 19.00-20.00 General D. Goed om dit allemaal te horen van Amanda. Wordt vervolgd!

OVERLEG U NAYAKA

Met het schoolhoofd U Nayaka spreek ik over de gang van zaken in The Golden House. Ik ben blij om te zien dat er dit schooljaar ‘slechts’ 200 kinderen wonen in onze drie huizen. Het is een stuk minder overbevolkt als afgelopen schooljaar en dat zorgt voor rust, met name ook voor de staf. U Nayaka wil graag het middelste huis, een gewoon woonhuis, vervangen door een woontoren van vier verdiepingen. Ik verzoek hem vriendelijk doch dringend om daar maar eens even mee te wachten. Ik geef aan dat we ons als stichting liever zouden richten op de woongroep voor de etnische meisjes. In twee huizen wonen meer dan 180 meisjes in slechte omstandigheden. Het succes van The Golden House zit ’m in de combinatie van fulltime staf, korte lijnen met die stafleden en steun vanuit onze NGO. We spreken af dat wij als stichting gaan kijken of we samen met onze partners uit het buitenland, zoals Förderverein Myanmar (Duitsland) en Mr. Brian Pringle (Australië) een nieuw pand kunnen realiseren. Maar alleen als U Nayaka ervoor zorgt dat er minstens twee fulltime stafleden aangenomen worden voor de etnische groep, die intensief gaan samenwerken met Yi Mon en haar staf. Daartoe is U Nayaka bereid. We spreken ook kort over het Bridging programma en allerlei andere kleine onderwerpen.

ZATERDAG 25 JULI

CULTURELE ACTIVITEITEN

Frederique en ik gaan vandaag weer een dagje op pad met Ad en Rita. Het is gisteren gaan regenen en het ziet ernaar uit dat dit nog een week zo zal blijven. Dat hebben we nog nooit meegemaakt. Het is op dit moment wel regenseizoen, maar normaal merk je daar in het noorden van het land niet zoveel van. We besluiten om vandaag een taxi te nemen.

MAHAMUNI PAGODE

Onze eerste bezienswaardigheid is de Mahamuni pagode. Maar onderweg laat onze chauffeur ons nog een werkplaats zien, waar met de hand flinterdun goudpapier wordt gemaakt. Vier gespierde mannen slaan urenlang op een pakje met dunne velletje goudpapier, net zolang totdat ze flinterdun zijn. En dat doen ze dag in en dag uit. De velletjes goudpapier worden verkocht aan de lokale bevolking en op Boeddhabeelden geplakt, zoals in de Mahamuni pagode, die we gaan bezoeken. Het is druk bij de pagode. Het tempelcomplex behoort tot de drie belangrijkste heiligdommen in Myanmar. Honderden pelgrims vanuit de stad en uit de omgeving lopen er dagelijks rond en brengen een eerbetoon aan Boeddha. De onderkant van het Boeddhabeeld in de centrale tempel is volgeplakt met honderden kilo’s goudpapier. Het ziet eruit als een Michelin mannetje. Dat beplakken mogen overigens alleen de mannen doen. De vrouwen moeten iets meer afstand houden. Tientallen vrouwen zitten op hun knieën voor Boeddha en hebben bloemen gekocht die op een altaar neergelegd worden. Rondom de centrale tempel staan allerlei gebouwtjes, waarin van alles te zien is. Het is ook een paradijs voor souvenirs. Ad en Rita kopen er hun eerste souvenir: tempelbelletjes.

SHWENANDAW KHAUNG

De volgende stop is de Shwenandaw Khaung. Shwe betekent goud, nandaw betekent paleis en Khaung betekent klooster. Het zijn eigenlijk twee gebouwen. Het grootste gebouw is een enorme festiviteitenhal van twee verdiepingen, die voor grote Boeddhistische ceremonies gebruikt wordt. Dat is een nieuw gebouw. Ernaast staat één van de weinige overblijfselen van de verboden stad: een teakhouten klooster. De verboden stad, midden in Mandalay, is gebombardeerd aan het eind van de Tweede Wereldoorlog. Er is bijna niks meer over van de schitterende gebouwen. Het teakhouten klooster is in 1880 door koning Thibaw buiten de paleismuren geplaatst en daardoor krijg je een beetje een beeld van hoe de verboden stad er ooit uitgezien moet hebben.

MANDALAY HILL

De derde stop is Mandalay Hill. Het is als vier uur als we door onze taxichauffeur naar boven worden gereden. Je kunt net als bij de Yankin Hill ook via een trappengalerij naar boven, maar dan wordt het te laat. We laten ons dus boven afzetten en lopen de galerij naar beneden. Het uitzicht is helaas minimaal, omdat het erg bewolkt is. Normaal zie je van hieruit prachtig de stad en het verboden paleis van twee bij twee kilometer liggen. Maar de tempel op de top van de 250 meter hoge heuvel aan de noordkant van de stad is ook de moeite van het bekijken waard. Als we rond 17.30 uur terug naar beneden lopen, begint het al te schemeren en sluiten de vele souvenirkraampjes hun deuren. Veel mensen wonen in de hutjes achter die kramen. De televisies gaan aan, er wordt eten gekookt en de kinderen spelen op de trappen waar normaal de lokale en buitenlandse toeristen lopen. We laten ons afzetten bij een Thais restaurantje in onze straat en nemen afscheid van onze vriendelijke taxichauffeur.

ZONDAG 26 JULI

SPELLETJESOCHTEND

We waren graag met de jongste kinderen naar de prachtige Engelse tuinen in het bergstadje Pyin Oo Lwin gegaan, maar het weer is te slecht. Daarom hebben de stafleden een spelletjesochtend georganiseerd in The Golden House en in wat klaslokalen van de school. Leidster Cho Cho leidt het sportprogramma voor de meisjes op de PDO High School en heeft allerlei leuke bal- en hoepelspellen bedacht voor de grotere meisjes van The Golden House. Die hebben de grootste lol, als wij rond 10.30 uur komen kijken. De kleinere kinderen vermaken zich met andere spelletjes in The Golden House. Dit is een mooi alternatief voor onze excursie.

CADEAUTJES UITDELEN

Zo’n twintig kinderen van The Golden House die goed Engels spreken, hebben sinds een half jaar via Skype contact met brugklasleerlingen tweetalig vwo van het Elde College in Schijndel. Ad is daar teamleider. De kinderen in Nederland hebben allerlei werkstukjes gemaakt en presentjes ingepakt voor onze kinderen. Die worden ’s middags uitgedeeld door Ad en Rita. Dat is natuurlijk een feestje. Onze kinderen gaan meteen aan de slag om iets te fabriceren voor de leerlingen in Schijndel. Die presentjes zullen we aan het eind van deze week wel meekrijgen.

UITETEN MET DE JONGEREN

We wilden ook iets organiseren voor de jongeren van The Golden House, die klaar zijn met hun middelbare school en nu een baantje hebben als staflid, op kantoor of als beginnend docent. Het zijn er zo’n veertig. Ook hier gooit het regenweer roet in het eten. Maar we hebben een leuk alternatief bedacht voor de excursie: Met z’n allen uiteten bij restaurant Queen in de stad. Dat vinden de jongeren nog zeker zo leuk. Ad, Rita, Frederique en ik verdelen ons over de verschillende tafels en kletsen gezellig met de jongeren, terwijl we een lekkere maaltijd voorgeschoteld krijgen. Een geslaagde activiteit!

MAANDAG 27 JULI

MINGUN

Ik moet vandaag weer aan de slag voor het project. Frederique gaat met Ad en Rita mee naar Mingun. In dit plaatsje staat de grootste onafgebouwde stupa ter wereld. De blok baksteen had 150 meter hoog moeten worden, maar toen koning Bodawpaya in 1819 stierf, was er pas 50 meter klaar. In 1838 heeft een aardbeving enorme scheuren aangebracht in het bouwwerk, maar dat doet niks af aan de monumentale uitstraling ervan. Vanuit de top heb je een fraai uitzicht over de Ayeyarwaddy rivier. Er is nog meer te zien aan de overkant van de rivier, zoals de op één na grootste klok ter wereld, die 90 ton weegt. De klok had in de onafgebouwde stupa moeten komen hangen, maar dat is nooit gebeurd. Vanuit de top van de onafgebouwde stupa zie je de in 1816 gebouwde Hsinbyume pagode liggen. De zeven terrassen van de spierwitte pagode verbeelden de zeven bergen die rond de heilige berg Meru in India liggen. De koning heeft deze witte pagode voor zijn vrouw laten bouwen. Er ligt ook een bejaardenhuis, waar Frederique met Ad en Rita een kijkje wil gaan nemen. Op de terugweg staat de verboden stad op het programma. Daar is na de bombardementen aan het eind van de Tweede Wereldoorlog weinig meer van over, maar een stukje hebben ze gerestaureerd en nagebouwd.

STICHTINGSWERK

Ik heb ’s morgens een gesprek met de studentenleiders en de docenten van het Bridging programma. Ze komen met goede tips om zaken te verbeteren en uiten wensen voor de toekomst. Daarna ga ik het script schrijven voor de video die ik wil maken over het Bridging programma. Dat had ik voor de vakantie nog willen doen, maar daar ben ik niet aan toegekomen. Ons project wordt gesponsord door Stichting Marcus, het Elde College en Wilde Ganzen. Voor deze geldschieters moet er een gedegen verslag geschreven worden. Een filmpje zorgt ervoor dat ik niet alles beeldend op hoef te schrijven. Het filmpje zal een goed beeld geven van het project en een waardevolle aanvulling zijn op het verslag. Leuk om te doen, maar wel een monsterklus. Het verhaal moet helemaal sluitend zijn en in een logische volgorde verteld worden. Uiteraard moeten alle betrokkenen aan het woord komen. Dat zijn docenten, studenten, Yi Mon en U Nayaka. Rond 16.00 uur ben ik ermee klaar.

LES BIJWONEN

Begin van de avond wonen we met z’n vieren een les bij van de Bridging Class, level 2. Dat is erg leuk. Er moet een stuk tekst gelezen en verklaard worden. Dat blijkt nog best lastig. Maar we doen goed ons best om zinvolle vragen te stellen en goede antwoorden te geven. Ik maak alvast van de gelegenheid gebruik om wat opnames te maken.

DINSDAG 28 JULI

BEZOEK OUDERS YI MON

Vandaag gaan we met Ad en Rita naar de ouders van Yi Mon. We krijgen de grote terreinwagen van U Nayaka mee, met vierwielaandrijving. Die zullen we in het dorpje wel nodig hebben. Na een week regen is het daar één grote blubberzooi. Yi Mon staat om 8.00 uur voor het hotel. We hoeven gelukkig niet zelf te rijden. Een staflid van de school rijdt ons naar de stad Shwebo en van daaruit naar het dorpje waar Yi Mon’s ouders wonen. Die vinden het fantastisch dat we komen. Dat doen we eigenlijk elke keer wel als we in Mandalay zijn.

VERHUISPLANNEN

Soe Aung en Hla Hla Myint staan met open armen voor hun huisje, als we rond 11.00 uur het erf oprijden. Ook oma van 85 jaar komt kijken. Ze is nog steeds vitaal. Ooms, tantes, neefjes en nichtjes, ze laten allemaal even hun gezicht zien. Vader en moeder zijn zo trots dat hun dochter zo’n fijn contact met ons heeft. Ook Ad en Rita worden gastvrij onthaald. Kosten nog moeite zijn gespaard om ons een heerlijke lunch voor te zetten. Vader heeft ook mee gekookt. Hij vertelt dat hij graag naar Mandalay wil verhuizen. Boeren zit er niet meer in rond Shwebo. Het klimaat is veranderd en het is veel droger geworden. De rijstoogsten mislukken deels, omdat er te weinig regen valt. Soe Aung wil een kilometer of tien buiten de stad gaan wonen en een winkeltje gaan runnen. Hij gaat grote zakken groente halen in de haven en in kleine porties doorverkopen aan de dorpsbewoners. Hij heeft al een optie op een lapje grond, maar moet eerst zijn bezittingen zien te verkopen voordat hij een nieuw huis kan zetten. Hij woont straks wel lekker dicht bij zijn dochters en daar verheugt hij zich nu al op.

HEERLIJKE LUNCH

We maken zo goed als mogelijk een wandeling door het dorpje. De modderwegen zijn vrijwel onbegaanbaar. Maar gelukkig zijn er ook kleine paadjes die van erf naar erf lopen. Bij elk huis maken we even een praatje en moeten we onder de veranda komen zitten. Er wordt van alles op tafel gezet, maar dat laten we veelal staan. We zitten nog vol van de lunch en of het veilig is voor onze magen weten we niet. Maar dat maakt de mensen niet uit. Zo tonen ze hun gastvrijheid. We zien dat Yi Mon volop geniet van alle aandacht van de dorpsbewoners, die samen één grote familie vormen.

AFSCHEID

Terug in het huis van vader en moeder krijgen we zelfgemaakt limoensap. Dat is lekker verfrissend. Ondanks het regenweer is het toch 27 graden en de luchtvochtigheid is erg hoog. Het is inmiddels 15.30 uur en tijd om naar huis te gaan. We hebben nog een lange tocht voor de boeg. We wisselen de laatste hartelijkheden uit, Frederique krijgt een mooie hoed van vader cadeau, we maken nog wat foto’s en rijden dan terug naar Mandalay. Het was een heerlijke dag en voor Ad en Rita een mooie gelegenheid om het dorpsleven op het platteland eens van dichtbij te ervaren.

WOENSDAG 29 JULI

AFSCHEID

We nemen om 6.30 uur afscheid van Ad en Rita. Ze gaan zelfstandig verder reizen door Myanmar. Ze gaan vanmorgen met de bus naar Kalaw in de Shan-provincie. Daar zullen ze twee nachten blijven. Van daaruit maken ze een trekking met een lokale gids naar het Inle meer. De volgende bestemming zal Bagan zijn. Dat is één van de meest indrukwekkende tempelcomplexen ter wereld. Op 20 vierkante kilometer staan meer dan 2000 kleine en grote tempels. We wensen hen een hele goede reis toe en gaan nog even wat slapen.

FILMEN

Vandaag staat voor mij in het teken van het filmen van het Bridging programma. Het script is klaar. Het is nu zaak om iedereen de juiste zaken te laten zeggen voor de camera en zoveel mogelijk algemene beelden te schieten van les- en studiesituaties, die ik in de film kan monteren op de plaatsen waar ik voice-over wil gebruiken. Het gaat voorspoedig. Tegen het eind van de middag ben ik halverwege met filmen. Frederique heeft van de gelegenheid gebruik gemaakt om een dagje te relaxen in het hotel en lekker te lezen.

B-TALK

’s Avonds ben ik de gastspreker tijdens een B-Talk avond. De B staat voor Bridging. Eenmaal per maand wordt er zo’n avond georganiseerd met inte¬ressante sprekers. Er zijn al diverse belangrijke men¬sen van de PDO High School geïnterviewd. Dat gebeurde tot nu toe voornamelijk in het Birmees. Vanavond is de eerste avond die volledig in het Engels zal plaatsvinden. Ik vind het een eer dat ik uitgenodigd ben. In het klaslokaal zitten zeker 70 studenten en docenten klaar om naar mijn verhaal te luisteren. Ik mag wat over mijn werk in Nederland vertellen, over mijn hobby’s, over mijn be¬trokkenheid bij The Golden House, over mijn ideeën aangaande het Bridging programma, over het nut van goed Engels spreken en nog veel meer. Onze stichting steunt het Bridging programma sinds een jaar en aan¬gezien ik een beetje als gezicht van de stichting fun¬geer, vinden ze het een eer dat ik te gast wil zijn. Dat blijkt eens te meer na afsluiting van de avond, als de helft van de zaal met mij op de foto wil. Ik doe het met veel plezier!

DONDERDAG 30 JULI

INKOPEN DOEN

Frederique gaat vanmorgen inkopen doen met Yi Mon en Cho Cho. Er moeten schoonmaakspullen, keukenapparatuur en ventilatoren gekocht worden. Daar hebben we in het centrum onze vaste winkels voor. Ook mag er een fiets uitgezocht worden voor The Golden House. We hadden als bestuur besloten dat er ook een motorbike aangeschaft kon worden, maar dat hoeft niet, want die krijgt Yi Mon van Amanda, omdat zij komend weekend teruggaat naar Duitsland. Er moeten op termijn nog veel meer spullen aangeschaft worden, maar daarvoor laat ik geld achter bij de kassier. Ik geef Frederique de opdracht om met de dames ergens lekker te gaan lunchen. Natuurlijk met voorbedachten rade, want ik ben opnieuw de hele dag onder de pannen voor het project.

SCHOOLARCHITECT

Chan Chan is de schoolarchitect van de PDO High School. Deze dame van midden veertig maakt samen met een oudere collega alle tekeningen en begrotingen voor nieuwbouw en onderhoud. De school huurt zelf werklui in en die worden aangestuurd door Chan Chan en haar collega. Op die manier bespaart de school een hoop geld, want een aannemer is niet nodig. Met Chan Chan en Yi Mon lopen we de huizen na en Chan Chan noteert alles wat vernieuwd en verbeterd moet worden. Ze zal een offerte maken en die toesturen als we weer in Nederland zijn.

FILMEN

Vandaag is het ook de tweede en laatste dag voor de filmopnames. Het gaat voorspoedig. Aan het eind van de middag heb ik er alles op staan, behalve de drie quotes van U Nayaka, het schoolhoofd. Die heeft pas morgen tijd. Samen met Amanda leg ik contact met een Cambridge opleidingsinstituut in Mandalay. Zoals het er nu uitziet, kunnen we een officieel opleidingscentrum worden. De Cambridge examens sluiten perfect aan op de levels van onze Bridging klassen. Dat betekent dat alle leerlingen na een level van een half jaar een officieel examen zouden kunnen doen en een certificaat kunnen behalen. Dat werkt heel motiverend. Amanda heeft telefonisch contact gehad. Helaas lukt het niet meer om samen even langs te gaan bij het opleidingsinstituut. Maar vanuit Nederland moeten we per mail en per telefoon de zaken ook rond kunnen krijgen. Amanda wil hier ook nog wel wat in betekenen, geeft ze aan.

BANANENPANNEKOEKJES

Als ik besluit om met Amanda wat bananenpannekoekjes te gaan eten in het theehuisje naast ons hotel, komt Frederique net aanlopen. Die gaat uiteraard gezellig even mee. Ze heeft al geluncht, maar Amanda en ik laten het ons goed smaken. ’s Avonds bespreek ik met Htoo Twin, één van de stafleden van de jongensgroep en hoofd van de timmerwerkplaats, de werkzaamheden voor The Golden House. We willen onder andere schappen maken voor de honderden slippers en toiletartikelen van de meisjes in het meisjeshuis. Die staan nu op de grond en in het trappenhuis en dat is gevaarlijk. Daarna werk ik met Yi Mon de financiële administratie bij.

VRIJDAG 31 JULI

BEZOEK AAN PHYO KO KO

Phyo Ko Ko is een jongen die jarenlang in The Golden House heeft gewoond. Hij was al één van de groteren in 2008 en heeft vier jaar geleden zijn middelbare school afgerond. Daarna is hij staflid geworden van het jongenshuis en heeft hij een baan gehad op het schoolterrein. Een half jaar geleden is hij getrouwd met de dochter van de eigenaresse van het theehuis, waar we gisteren nog hebben gegeten. Hij heeft ons uitgenodigd om zijn vrouw Htet Htet Phyo en hem te bezoeken in hun huisje aan de rand van de stad. Dat doen we met alle plezier. Onze gastvrouw en gastheer spreken niet zo geweldig Engels, maar één van de stafleden van de school wel. Het is een vriend van Phyo Ko Ko. Hij brengt ons met een elektrisch schoolautootje naar het huisje. Een rijke Chinese man heeft een groot stuk grond gekocht aan de rand van de stad en verkoopt/verhuurt nu kleine stukjes grond aan Birmezen, die op zichzelf willen wonen. Schoonmoeder heeft het lapje grond van 90.000 euro gekocht voor haar dochter en schoonzoon. Ach, wat doet het ertoe. Phyo Ko Ko en zijn vrouw Htet Htet Phyo zijn dolgelukkig samen. Er komen ook nog twee vriendinnen op bezoek en zo zitten we met z’n zevenen gezellig te kletsen. Natuurlijk is er fruit en staan er pinda’s voor ons klaar. Frederique krijgt een omslagrok van Htet Htet Phyo. Zo laten ze zien hoe gastvrij ze zijn. Na een uurtje of twee worden we keurig teruggebracht naar ons hotel.

AFRONDEN

’s Middags moet ik nog even aan de slag voor de video. Ik moet U Nayaka nog vastleggen. Ik maak meteen van de gelegenheid gebruik om een afrondend gesprek met hem te houden. Ik vertel hem wat we allemaal voor verbeteringen willen doorvoering aan The Golden House, wat er aangeschaft is en waarvoor ik geld achterlaat bij de kassier. Ook andere zaken komen aan bod. Ik vertel hem tot slot wanneer ik weer op de PDO High School zal zijn. Dat worden de eerste twee weken van februari 2016. Frederique maakt van de gelegenheid gebruik om onze tassen alvast in te pakken. Morgenavond vertrekken we met vijf kinderen en Yi Mon naar het deltagebied in het zuiden van Myanmar. We gaan hun geboortedorpjes bezoeken en samen een korte vakantie houden.

AFSCHEID VAN DE KINDEREN

’s Avonds verblijven we in The Golden House. Het is onze laatste avond hier en die willen we graag samen met de kinderen doorbrengen. Frederique kijkt met de kinderen televisie en kletst met ze over van alles en nog wat. Als ik klaar ben met de administratie kom ik er ook bij zitten. Er worden nog wat cadeautjes aan ons gegeven die voor de leerlingen van het Elde College bestemd zijn. Ook krijgen we cadeautjes mee voor Elke, Sacha, Sharon en Lizette. Dat zijn vier pabo-studenten, die in het afgelopen half jaar ieder drie maanden Engelse bijles hebben gegeven op de school. Dat was een groot succes en de kinderen hebben de dames natuurlijk in hun hart gesloten. Dan is het tijd om echt afscheid te nemen. We worden voor de laatste keer teruggebracht naar de schoolpoort. Ik overhandig de sleutel aan Yi Mon. We knuffelen de kinderen die meegelopen zijn en zeggen: “Nou Ma Twee Mè”, oftewel: tot de volgende keer. “Houdoe hè” en “slaap lekker” zijn hun reactie. Ze spreken al wat woordjes Nederlands.

ZATERDAG 1 AUGUSTUS

GUESTHOUSE

Frederique en ik trekken er vandaag nog even een middagje samen op uit. We rijden met de motorbike van de zus van leidster Tsai Tsai naar het stukje land dat U Nayaka richting het noorden in een volksbuurt heeft liggen. Het is ongeveer tien minuten rijden. We denken erover om een keer een guesthouse te starten in Mandalay, als opleidingsplek voor onze studenten die in het toerisme willen werken. Misschien gaan we dat zelf nog wel een keer runnen. Maar hoe kom je aan een goed en betaalbaar stuk land? Dit land zouden we vrij kunnen gebruiken, maar de ligging is niet optimaal. Er ligt een truckoverslagbedrijfje tegenaan, waar je op zich niet veel last van hebt en de volksbuurt is wel heel armoedig. De weg er naartoe kan volgens U Nayaka geasfalteerd worden. Via de truckstop is het landje goed te bereiken. Het biedt perspectieven, maar je hebt nogal wat verbeeldingskracht nodig. We gaan er nog eens goed over nadenken.

HINDOES

Ik heb in februari op Bangkok Airport Pokhrel Sobakhar ontmoet. Hij is van Hindoestaanse afkomst en zijn ouders komen oorspronkelijk uit Nepal. In Mandalay wonen veel Nepalese Hindoes. Ik heb hem in februari bezocht in zijn winkel, waar hij en zijn familie al 40 jaar boter en boterolie maken. Dat was een leuke ontmoeting. Via Facebook messenger heb ik laten weten dat ik vandaag met mijn vrouw Frederique langskom. Als we onze motorbike voor de deur zetten, komt Pokhrel enthousiast naar buiten lopen en omhelst me. Ook Frederique wordt vriendelijk begroet. Binnen krijgen we een vriendelijke hand van zijn vrouw. Er worden stoelen neergezet en we praten een tijdje over hun gezin, over de winkel en over het Hindoe zijn in een Boeddhistische samenleving. De familie is volledig geïntegreerd en geaccepteerd. Achter het huis van Pokhrel staat een enorme Hindoe-tempel. Die is gebouwd met geld van de Hindoe-gemeenschap. Het is ook een hostel voor Hindoes die van buiten de stad komen. Helaas is de tempel vandaag gesloten. Maar Pokhrel heeft uiteraard ook veel belangstelling voor ons project. Daar zijn we niet zomaar over uitgepraat. Als we op onze horloge kijken is het inmiddels twee uur later. We moeten nog wat boodschappen doen voor onze trip, die vanavond start. We nemen afscheid van deze lieve mensen en rijden weer terug richting ons hotel. Daar pakken we onze tassen verder in.

LUMBINI

Om 19.45 uur rijden we met één van de auto’s van de school naar het centrale busstation van Yangon. Onze pick-up truck zit volgepakt. Yi, de kokkin van The Golden House, Mee Mee en Eain Thit Sar Shin rijden mee om ons uit te zwaaien. Gelukkig kunnen wij voorin zitten, want wij hadden er achterin niet meer bij gepast, Het busstation is enorm groot. Het is een open vlakte met rondom kleine busmaatschappijtjes die allemaal hun bestemmingen en specialiteiten hebben. Wij reizen met een VIP-bus van de maatschappij Lumbini. De naam betekent ‘Boeddha’s tuin’. Dat moet goed komen. Na wat geknuffel en het inladen van onze tassen ploffen we in de comfortabele ligstoelen. Voor 17.000 kyat (14 euro) rijden we in 10 uur tijd naar de hoofdstad. De jongelui zijn uitgelaten. Degenen die met ons meegaan zijn Zar Ni Khaing (15), Htet Htet Lin (16), Thae Nu Khaing (16), Ei Thandar Htun (18) en Thu Zar Win (22). En uiteraard Yi Mon, de hoofdleidster van The Golden House.

DE NACHTELIJKE RIT

Na een uur of drie rijden maken we een tussenstop bij een benzinestation. We hebben op dat moment al een uurtje of twee geslapen. Er is ook een groot restaurant, uiteraard volgepakt met Birmezen. Het toilet is erg smerig, maar dat nemen we op de koop toe. Om 3.30 uur ’s nachts maken we nog een keer een tussenstop om vervolgens weer in een diepe slaap te vallen. Om 6.00 uur worden we wakker. Het begint al licht te worden. Onze bus rijdt door enorme plassen water. Hier zien we de eerste tekenen van de enorme overstromingen die op dit moment het land teisteren. Gelukkig rijden we een half uur later weer een stuk hoger en zijn de wegen droog.

ZONDAG 2 AUGUSTUS

ONTBIJTEN

De VIP-bus zet ons niet af bij het centrale busstation, maar bij een busstation aan één van de invalswegen. Vandaaruit rijden we met twee taxi’s naar de branche office (dependance) van de PDO High School. Het is een lommerrijk terrein vlak bij de Shwedagon pagode. We zijn allemaal gaar van de reis en kunnen ons hier even opfrissen. Een uurtje daarna zitten we in zomaar een straatje richting de Shwedagon pagode met z’n allen te ontbijten. De jongelui zijn weer fris en vrolijk. We eten Shan noodles, want iets anders is hier niet te krijgen. Het is een soort pindasoep met bami. Normaal zouden we dat niet als ontbijt nemen, maar het smaakt best. De kids halen hun mobiele telefoons tevoorschijn en alles wordt vastgelegd. Ik gok dat er nog vele foto’s zullen volgen tijdens onze reis. Ons gezelschapje verschilt niet zoveel van een gemiddeld schoolreisje met de pubers van mijn school in Veghel.

SHWEDAGON PAGODE

Dan wordt het tijd om de Shwedagon pagode te gaan bekijken. Dat is het mooiste en grootste tempelcomplex van Yangon. Het ligt op een heuvel midden in de stad en is qua allure vergelijkbaar met het koninklijk paleis en de Wat Pho in Thailand. Kaartjes kopen, schoenen uit en langs de prachtige overdekte trap met tientallen souvenirwinkeltjes naar boven. Voor veel gezinnen in Myanmar is een bezoek aan de pagode een dagje uit. Het is zondag en het is er erg druk. Iedereen wandelt gemoedelijk tussen de vele prachtig gedecoreerde gebouwen, tempeltjes, stupa’s en duizenden Boeddhabeelden. Dat is ook ongeveer het aantal bezoekers vandaag. Dat lijkt veel, maar het is er zo groot, dat je elkaar absoluut niet in de weg loopt. In het midden van het complex staat een bijna honderd meter hoge stupa, bekleed met goud. Shwe betekent overigens goud. Overal brengen mensen eer aan Boeddha, wandelen rond of zitten met hun gezin of familie op de grond of op een muurtje te kijken naar elkaar. Als het er even een plensbui valt, doen wij hetzelfde. Voor ons trekt een stoet voorbij van kleurrijke mensen, vrolijke kinderen, ijverige vrijwilligers, devote monniken en in roze geklede nonnen. Onze kids nemen volop de tijd om ons en elkaar op de foto te zetten. Na een uurtje of twee lopen we de overdekte trappengalerij weer naar beneden en gaan we richting park. Daar liggen mooie vijvers met bruggen. Ook ideaal voor een fotoreportage natuurlijk. Yi Mon doet ondertussen een dutje in de branche office. Wij besluiten de ochtend met een lunch in dezelfde straat als waar we vanmorgen ontbeten hebben.

NAAR MAWGYUN

Om 14.00 uur rijden we met een minibusje naar Mawgyun, een handelsstadje in het deltagebied ten zuiden van Yangon. We gaan morgen met een longtailboat twee dorpen bezoeken, waar de vijf meiden gewoond hebben, tot de cycloon Nargis in mei 2008 het zuiden van Myanmar teisterde. Onze chauffeur heet U Myint Tun. Hij heeft ook nog een hulpje bij zich. We rijden de stad uit. Het is gelukkig niet zo druk op de weg omdat het zondag is. In het buitengebied van de stad staan enorme fabrieken. Tegen de hekken aangebouwd zien we de krottenwijk. Waarschijnlijk arbeiders die in de fabrieken werken. Na een uur laten we de drukte van de stad achter ons en rijden we tussen de rijstvelden. Het water staat op sommige plekken hoog. Het landschap is groen met een goudgele gloed. In de ondergelopen velden planten families bussels ontkiemde rijst. Op andere velden wordt met een waterbuffel het rijstveld omgeploegd en gereed gemaakt voor het aanplanten. De weg ligt anderhalve meter hoger dan het ernaast gelegen land. Het wegdek is erg hobbelig en het asfalt zit vol gaten. Onze chauffeur moet er zijn aandacht goed bij houden. We lunchen onderweg en verbazen ons over de hoeveelheid eten die onze kids kunnen verstouwen. Hoezo nog ‘in de groeí’?

LEKKER SLAPEN

Om 19.00 uur arriveren we in Mawgyun. We slapen vannacht in een klooster van een monnik die bevriend is met U Nayaka, de hoofdmonnik van onze school in Mandalay. De gastenverblijven zien er prima uit. We hebben een douche, een toilet en een kamer met airco. De bedden zijn eenpersoons en er hangt een klamboe boven. Elke maand slapen hier een paar dagen dokters, die in de kliniek op het kloosterterrein gratis behandelingen komen geven. We besluiten om vroeg te gaan slapen, want morgen gaan we met Yi Mon en de jongelui naar hun geboortedorpen.

MAANDAG 3 AUGUSTUS

DAG SANDALEN

Als ik Frederique rond 6.00 uur hoor rommelen, vraag ik of ze niet kan slapen. ‘Ik heb drie uur liggen piekeren’, zegt ze. ‘Ik wilde om 3.00 uur onze sandalen binnenhalen, omdat het regende, maar kon alleen onze rechter sandaal vinden.’ Ik besluit om even te gaan kijken. Het regent pijpenstelen en met mijn zaklamp schijn ik wat rond. Geen linker sandalen te bekennen. Als ik mijn rechter sandaal goed bestudeer, zie ik dat de klittenband gespen bijna doorgeknaagd zijn. Honden, dat kan niet anders! Eigenlijk moet ik wel lachen. De sandalen gebruik ik al zolang ik naar het project reis en ze zijn doordrenkt met mijn zweetvoetengeur. Geen wonder dat de honden ze meegenomen hebben. Een lekkere kluif voor ze. Ik stel Frederique gerust. Zij heeft nog teenslippers bij zich. Ik moet morgenvroeg even een paar slippers in mijn maat vinden. Dat moet geen probleem zijn, want op iedere straathoek zit wel een slippershop. We gaan nog even slapen.

TEENSLIPPERS

Als we een uurtje of twee later zitten te ontbijten aan de overkant van de staat, en ik vertel over ons slipperavontuur, komen de kids niet meer bij. Op weg naar het haventje, waar de boot klaarligt die ons naar de dorpjes zal brengen, koop ik een paar teenslippers. Goeiendag, wat doen die pijn als je niet gewend bent om op die dingen te lopen. Ik zal het er de rest van de vakantie mee moeten doen. Ik wilde sowieso nieuwe sandalen kopen, want deze konden echt niet meer. Ze waren al twee keer opgelapt. ‘Schandalen’ was eigenlijk een beter woord.

DE BOOTREIS

Eenmaal op de boot zijn de jongelui helemaal uitgelaten. ‘Oh Flower, oh Nico, we are so exited’, roepen ze. Ze maken foto’s op het voor- en achterdek, doen zich tegoed aan de snacks die we gekocht hebben en kunnen het eerste uur niet stilzitten. Maar het is bijna drie uur varen, dus op een gegeven moment liggen er een aantal te dutten. Het water van de rivier staat hoog, is bruin van het slip en stroomt snel. We slaan een paar keer een smallere rivier in en dan komen we aardig in de buurt van het eerste dorpje, waar Zar Ni Khaing, Htet Htet Lin, Ei Thandar Htun en Thu Zar Win gewoond hebben. Htet Htet Lin en Ei Thandar Htun (zussen van elkaar) zijn nooit meer terug geweest sinds de cycloon. Als we het laatste kanaaltje in draaien, begint het genadeloos te plenzen. En dat terwijl we de hele weg best aangenaam weer hebben gehad. Maar ja, het is regenseizoen, dus dit kan gebeuren. We trekken onze regenponcho’s aan en bereiken dan de aanlegsteiger.

GEBOORTEDORPJE

We worden aan alle kanten geholpen door de kinderen en de dorpsbewoners om veilig van de boot af te komen en het eerste huis te bereiken. We zijn echt een attractie. De meeste dorpsbewoners hebben nog nooit blanke mensen in het echt gezien. We moeten op de kokosmat gaan zitten in het huisje van de tante van Zar Ni Khaing. De vader van Zar Ni Khaing komt ook een hand geven. We hebben hem al eens op de PDO High School gezien, toen hij zijn dochter bezocht. De moeder van Zar Ni Khaing is tijdens de cycloon overleden. Vader heeft een nieuwe vrouw gevonden en samen hebben ze een kindje gekregen. Op de vloer wordt fruit en snacks uitgestald en natuurlijk moeten we daar iets van eten. Op hoop van zegen dan maar. ‘Ajaada Sjie Deh’, zeggen we, oftewel lekker. De mensen glimlachen verlegen. De bamboehutjes waarin ze wonen zien er armoedig en rommelig uit. Thu Zar Win vertelt dat de mensen vóór de cycloon in 2008 veel mooiere houten huizen hadden. Tijdens de cycloon en de daarmee gepaard gaande vloedgolf is alles verwoest. De mensen durven nu geen mooie huizen meer te bouwen, bang voor een nieuwe natuurramp. Ze zijn ook veel geld en bezittingen verloren.

HARTAANDOENING

Als het ergste noodweer over is, lopen we achter de meiden aan naar de andere kant van het dorp. Daar wonen de ouders van Thu Zar Win en daar gaan we lunchen. Er loopt een paadje langs de rivieroever en het staat er vol palmbomen, bananenbomen en exotische planten. Onderweg stoppen we bij bijna elk hutje. Iedereen in dit dorp is op één of andere manier wel familie van elkaar. De één kijkt verlegen weg als we ‘Mingalaba’ zeggen en de ander groet ons vriendelijk. We komen ook langs het dorpstempeltje en langs de kloosterschool. Uiteindelijk bereiken we het huis van de ouders van Thu Zar Win. Zij is één van de weinige kinderen in The Golden House die beide ouders nog heeft. We ontmoeten ook haar jongere zusje die een ernstige hartafwijking heeft en zo weinig energie heeft dat ze niet naar school kan. Wat een lief kind en wat een sneu verhaal. Ik vraag Thu Zar Win om eens uit te zoeken of haar zusje wellicht behandeld kan worden. Dat wil ze graag doen. Misschien kunnen wij dan iets voor haar betekenen.

LUNCH

De ouders van Thu Zar Win hebben een heerlijke maaltijd bereid. We zitten wederom op de grond en zo’n 30 centimeter onder de vloer staat het water. Gevaarlijk hoog dus. We krijgen rijst, allerlei curry’s, groenten, fruit en nog veel meer. We voelen ons bijna schuldig. We smullen van al dat lekkers, dat met zoveel liefde is bereid. Natuurlijk moeten er ook de nodige foto’s gemaakt worden met ons erop. En dan is het alweer tijd om naar het tweede dorp te varen, waar Thae Nu Khaing gewoond heeft. We worden geholpen om in de boot te klimmen, de laatste hartelijkheden worden uitgewisseld en we worden uitgezwaaid totdat de rivier een bocht maakt. Het dorpje van Thae Nu Khaing ligt op de weg terug, ongeveer een uur verwijderd van Mawgyun.

KOKOSNOTEN

Het regent weer een beetje en daarom gaan we in de kajuit van de boot zitten. Na anderhalf uur bereiken we het dorpje van Thae Nu Khaing. Haar moeder woont er niet meer, want die is twee jaar geleden naar Mandalay verhuisd om dichter bij haar dochter te wonen. Ook Ko Ko en Bo Bo, haar twee zoons en halfbroertjes van Thae Nu Khaing kan ze nu vaker zien. De weggetjes in het dorpje blijken al overstroomd te zijn. We kunnen het paadje door het dorpje niet meer lopen, zonder tot aan onze enkels in het water te staan. Maar goed dat we onze plastic teenslippers aan hebben en niet onze stoffen/leren sandalen. Bedankt honden van het klooster! We meren aan bij het huis van grootvader. De vloer is nog droog. En weer staat er een heerlijke maaltijd klaar. De hele familie komt een kijkje nemen. Of we kokosmelk lusten? ‘Jazeker’, zeggen we. Een neef van Thae Nu Khaing klimt behendig in een kokospalm en hakt er een aantal kokosnoten uit, die met een flinke plons in het water vallen. De schil wordt eraf gekapt en met de drie voorzichtige tikken wordt er een klein gaatje in harde bast geslagen. Rietje erin en drinken maar! Natuurlijk wordt er druk over ons gepraat. Zo nu en dan vertaalt Yi Mon wat stukjes voor ons, zodat we het gesprek een beetje kunnen volgen. Het begint al te schemeren, de eerste muggen verschijnen en dus wordt het tijd om terug te varen naar Mawgyun.

DROOM IS UITGEKOMEN

De kids vragen ons wat we ervan vonden. “Een geweldig avontuur”, zeggen we. En dat was het ook. Ze waren zo trots om ons alles te laten zien. We merken dat ze best wat langer bij hun familie hadden willen blijven, maar dat zit er niet in. We hebben daar niks voor meegenomen. Op de weg terug vertellen ze dat ze deze dag nooit zullen vergeten. “Wij ook niet”, zeggen we. Het was fantastisch om met deze vijf kinderen, waar we zo van zijn gaan houden in de afgelopen jaren, deze tocht te hebben kunnen maken. Een droom is uitgekomen, voor ons allemaal.

DINSDAG 4 AUGUSTUS

ZINGEN EN NOG EENS ZINGEN

Vandaag rijden we naar Pathein. Dat is de hoofdstad van de Ayeyarwaddy provincie. Dezelfde chauffeur brengt ons erheen en zal ons overmorgen ook terugbrengen naar Yangon. Voordat we vertrekken, bedanken we de monnik van het klooster voor het fijne verblijf en geven hem een flinke donatie. U Myint Tun, onze chauffeur blijkt een hoop CD’s in zijn auto te hebben liggen. En zo krijgen we een urenlang concert. De meiden blijken vrijwel alle liedjes van buiten te kennen. Dat ze goed konden zingen wisten we al, maar dit slaat alles. Afijn, het dooft de tijd en het is nog gezellig ook. Onderweg lunchen we in een houtenrestaurant op palen in een meertje en we hebben het heel gezellig samen.

LEKKE BAND

De weg naar Pathein is nog slechter dan die naar Mawgyun. De kuilen zijn zo diep dat je echt op moet passen datje er niet in volle vaart doorheen rijdt. Maar helaas gebeurt dat toch, als we goed en wel de stad bereikt hebben. U Myint Tun en zijn hulpje schroeven het reservewiel onder de bus uit en na veel gedoe met de krik lukt het ze om eindelijk het wiel te verwisselen. Een half uur later rijden we weer en niet lang daarna komen we aan bij het Day To Day Motel. Het wordt gerund door een moslimfamilie. We hebben al veel moslims in het stadje zien lopen. Tegenover ons motel ligt een Sikh tempel. Pathein ligt aan de westkant van Myanmar en waarschijnlijk komen veel van de moslims oorspronkelijk uit India.

SHWEMOKHTAW PAGODE

We frissen ons wat op en lopen dan met ons gezelschap naar de Shwemokhtaw pagode, midden in de stad. Het is een vriendelijk en bedrijvig stadje. De pagode is erg mooi en ligt op een heuveltje. We kunnen niet over de stad kijken, want zo hoog is het nu ook weer niet en rondom de klokvormige gouden stupa in het midden van het complex staan tientallen kleine en grotere tempeltjes met eindeloos veel Boeddhabeelden in alle soorten en maten. Natuurlijk zoeken we even de Boeddha op van onze geboortedag. Over het beeld en het bijbehorende (fabel)dier giet je zevenmaal een kopje water. Er zijn acht zogenaamde staties, want de woensdag, de geboortedag van Boeddha, is verdeeld in twee helften. Ook hier maken onze kids weer eindeloos veel foto’s van ons en elkaar.

HOOG WATER

Als we de uitgang aan de westkant nemen, komen we bij de rivier uit die door de stad loopt. De weg die langs de oever loopt staat een halve meter onder water. Jongelui rijden er met volle vaart met hun motorbikes doorheen en dat geldt ook voor de gemotoriseerde tuk tuks. Ze hebben een hoop plezier. Volgens de weersvoorspellingen gaat het water nog verder stijgen. Het blijft maar regenen in Myanmar en in de hoger gelegen gebieden in de Himalaya. Geen idee hoever deze stad nog zal overstromen.

DINER

In de Lonely Planet reisgids staat een kaartje van Pathein. Dat is handig om de bezienswaardigheden en de restaurantjes te vinden. Die zijn er overigens in overvloed. Maar hoe bepaal je in Boeddha’s naam welk tentje goed is? Dan is zo’n reisgids erg handig. We lopen langs eindeloos veel theehuishuisjes, restaurantjes, winkeltjes, straatstalletjes en nog veel meer. In Shwe Zin Yaw Restaurant eten we heerlijk. En met een volle buik lopen we terug naar ons motel om lekker te gaan slapen.

WOENSDAG 5 AUGUSTUS

OVERSTROMINGEN

De kids willen graag naar Chaung Tha Beach, maar de weersvoorspellingen zijn te slecht. Gisterenavond zagen we op de televisie dat grote delen van Myanmar overstroomd zijn, waaronder de Ayeyarwaddy provincie waar wij nu zijn. Hele dorpen staan onder water. Soms staat het water wel vijf meter hoog. Mensen worden geëvacueerd en er wordt rijst en schoon drinkwater uitgedeeld. We zitten op Facebook met veel van de jongeren uit The Golden House en van de bridging class. Ze posten allerlei aangrijpende foto’s en oproepen om het land en de bevolking te helpen. Wij blijven vandaag gewoon in Pathein. Daar is het veilig en er is nog voldoende te zien.

CHRISTENDOM

’s Morgens bezoeken we de katholieke kerk in het stadje en het bijbehorende convent. Father William is er niet, maar we worden rondgeleid door één van de jongeren uit het jeugdwerk van de parochie. De jongeren organiseren op dit moment een inzamelingsactie voor de bewoners in de getroffen gebieden. Voor Frederique en mij is dit de gelegenheid om de meiden en Yi Mon eens in te wijden in het christendom, ons geloof. De jongeman vertaalt alles wat wij vertellen en voegt er nog zaken aan toe. Er wordt aandachtig geluisterd. Dit vinden ze wel interessant. Dat geldt ook voor de kerk, die we vanbinnen mogen bekijken. Wat betekenen die schilderijen (kruisweg)? Wie is dat beeld van die mevrouw met dat kind op de arm (Maria)? Wie zijn die mannen op dat grote schilderij (Jezus en Johannes de Doper)? We mogen zelfs op het oksaal, waar normaal het koor zingt en een keyboard staat. Frederique en ik zingen er tweestemmig het Ave Maria van Haagh en een jongerenkoorlied van vroeger. Ze staan vol ontzag te luisteren. Thu Zar Win vertelt dat ze in de bridging class alle grote geloofsstromingen van de wereld al eens behandeld hebben en dat ze dit heel interessant vond.

KNAP HANDWERK

Onze volgende stop is een werkplaats voor handgemaakte paraplu’s. Daar is Pathein beroemd om. Vanuit de hele wereld worden deze paraplu’s besteld, tot aan Zuid Amerika toe. Ze worden niet van rijstpapier gemaakt, maar van stof en die wordt geïmpregneerd met een soort rubberachtige pasta, die van planten gemaakt wordt. Dat zorgt ervoor dat ze ook echt waterdicht zijn en bij elk weertype gebruikt kunnen worden. De traditie is eeuwenoud. Met name het maken van de bamboe constructies is een tijdrovend karwij. Het is allemaal razend knap handwerk. Het proces van het maken van één paraplu, of die nu een diameter van 50 centimeter of 2 meter heeft, duurt een week. Mooi om het procedé nog eens te zien. Yi Mon koopt een fraaie blauwe paraplu als souvenir voor haarzelf.

BIOSCOOP

Na de lunch besluiten we om naar de bioscoop te gaan. Die kost iets meer dan een euro per persoon. Onze kids zijn helemaal blij. Er draait om 14.00 uur een Birmees liefdesverhaal. De film is volledig over-geacteerd en de karakters voor een deel mallotige typetjes. Maar de zaal ligt in een deuk en onze meiden en Yi Mon ook. Dit is het genre waar ze van houden. Dat hebben we in The Golden House ook al zo vaak gezien op vrijdag- en zaterdagavond, als er televisie gekeken wordt

DINER

Na de bioscoop rusten we wat en gaan dan dineren in de stad. In de Lonely Planet wordt Myo Restaurant aangeprezen. Als we er voorbij lopen, blijkt het een theeshop te zijn vol bier drinkende jongemannen. Dat vinden onze schatten maar niks en dus besluiten we terug te gaan naar het restaurant van gisterenavond. En weer genieten we daar van een heerlijke Birmese maaltijd. Tijd om te gaan slapen, want morgen om 8.00 uur beginnen we aan onze terugtocht naar Yangon.

DONDERDAG 6 AUGUSTUS

CATASTROFE

Wat een rit is het, terug naar Yangon. We rijden door grote overstroomde stukken land. We zien dorpen onder water staan, mensen ontredderd zitten langs de weg, mannen tijdelijke huizen bouwen langs de weg, die anderhalve meter hoger ligt, voedsel-uitdeelacties en inzamelingsacties. Als we over een enorme stalen brug rijden, twintig meter boven het land, zien we pas goed hoeveel stukken er overstroomd zijn. Wat een catastrofe heeft er hier plaatsgevonden.

HULPPLAN

Ik vraag Yi Mon of we niet iets zouden kunnen doen voor de families van onze Golden House kinderen, waarvan de dorpen overstroomd zijn? We zouden onze sponsors en volgers van het project de situatie kunnen uitleggen en om een bijdrage kunnen vragen. Maar hoe krijgen we dat geld bij de families? Yi Mon vertelt dat iedereen in Myanmar een ID-kaart heeft. Daarop kan geld gestort worden door de PDO High School en de kaarthouder kan dan in een nabijgelegen stadje, zoals Mawgyun, het geld van de kaart halen. Met een vijftig euro per getroffen familie kan al veel terug opgebouwd worden. Ik beloof Yi Mon dat ik dit meteen bij thuiskomt met ons bestuur zal bespreken.

AFSCHEID NEMEN

Eenmaal terug bij de branche office in Yangon van de PDO High School is het helaas tijd om afscheid te nemen. Wat hebben we het leuk en gezellig gehad samen en wat was dit een mooi avontuur. ‘I will never forget’, zegt Zar Ni Khaing. ‘Wij ook niet’, zeg ik. Yi Mon komt met het parapluutje aanlopen dat ze in Pathein gekocht heeft. Het blijkt een cadeautje voor Frederique te zijn. ‘Present for you, Flower’, zegt ze. Wat lief. Na de nodige omhelzingen, enkele tranen, foto’s en een groepsknuffel stappen we in de taxi die ons naar ons hotel zal brengen. Vanavond om 21.00 uur gaan Yi Mon en de meiden met de VIP-bus terug naar Mandalay. Goh, wat zullen we de gezelligheid en aandacht missen. We worden uitgezwaaid tot we de poort uit zijn.

DUBBEL GEVOEL

Voor de laatste nacht in Yangon heb ik een mooi hotel geboekt, het Best Western China Hotel. Het is een gloednieuw viersterrenhotel en daarom kost een kamer ‘slechts’ 60 euro. Het voelt een beetje dubbel, nu zoveel mensen in Myanmar getroffen zijn door de overstromingen. Als we dit hadden geweten, hadden we waarschijnlijk een goedkopere overnachting geboekt. Afijn, we genieten er maar gewoon van. We kunnen eindelijk weer een fris bad nemen en een beetje schoonweken. Dat is fijn, want vanavond hebben we een bijzondere ontmoeting in ons hotel. De jongen die onze koffers naar de kamer brengt, neemt ons even mee naar het dak van het hotel, van waaruit we een prachtig uitzicht hebben over de stad en de Shwedagon Pagode.

BIJZONDERE ONTMOETING

We hebben als stichting in 2013 een boekje uitgegeven met als titel: ‘I have a dream… dromen van vier generaties Birmezen’. We hebben de dromen opgetekend van het schoolhoofd U Nayaka, hoofdleidster Yi Mon, haar ouders, haar oma en van een tiental kinderen uit The Golden House. Het was de droom van Frederique om dat boekje te maken en ze is daarbij van alle kanten geholpen. Ze heeft onder haar pseudoniem ‘Flower’ het voorwoord geschreven en dat opgedragen aan Winston. Hij was onze privégids in 2003. Hij heeft ons het land, de cultuur en de mensen van binnenuit laten ervaren. Het was een markante en bevlogen man en we hebben samen drie geweldige weken gehad. Aan het eind van onze rondreis werden we uitgenodigd om zijn vrouw en twee zoons te bezoeken. We hebben sindsdien per e-mail contact gehouden.

HARTAANVAL

Toen ik in februari 2009 voor het eerst het project ging bezoeken, heb ik Winston een berichtje gestuurd of we elkaar misschien konden ontmoeten. Ik kreeg van zijn nicht Coreen een bericht terug dat Winston een jaar daarvoor, tijdens een rondreis met toeristen, in een hotel in Mandalay een hartaanval had gekregen en was overleden. Dat was een grote schok voor ons. We hadden immers beloofd om elkaar nog eens te ontmoeten. In juli 2009 hebben Frederique en ik samen zijn graf bezocht.

HERINNERINGEN

Omdat Frederique en ik ditmaal via de hoofdstad Yangon tergreizen, hebben we een afspraak gemaakt om zijn vrouw Nan Htwe Kyi te ontmoeten. Dat hebben we via haar oudste zoon Derrick geregeld. Hij en zijn jongere broer Keith kunnen er helaas niet bij zijn. Keith is zeeman en Derrick werkt voor de NGO World Vision in een stad 1500 kilometer ten zuiden van Yangon. Maar zijn neef Htet Ko Aung zal het gesprek vertalen. We begroeten elkaar vriendelijk in de hotellobby en nemen ze mee naar het restaurant op de vierde verdieping. Meteen komen de foto’s tevoorschijn en halen we samen herinneringen op aan Winston. Hij is nu ruim zeven jaar dood.

ZWARE TIJDEN

Nan Htwe Kyi vertelt hoe zwaar ze het gehad hebben. Winston was de kostwinner. Keith studeerde nog. En tot overmaat van ramp werd drie maanden later hun huis deels verwoest door de cycloon Nargis. Ze hebben psychologische hulp gezocht en zijn er inmiddels bovenop gekomen. Derrick verdient nu voldoende om zijn moeder te kunnen ondersteunen, maar toch verkoopt ze al zeven jaar Shan-noedels in een straatstalletje voor hun huis.

TRANEN

We hebben een fijn en openhartig gesprek met elkaar en Htet Ko Aung neemt zijn vertaalrol uiterst serieus. Hij werkt zelf voor een kleine NGO die medische projecten opzet met buitenlandse artsen in grote plaatsen in Myanmar. Zijn Engels is uitstekend. Als we Nan Htwe Kyi het boekje overhandigen, vertaalt hij in alle rust het voorwoord voor zijn tante. De tranen rollen over haar wangen en ook wij houden het niet droog. Maar we hebben ook plezier samen. Het duurt meer dan een uur voordat we ons eten bestellen. Maar dat maakt niks uit. De drang om bij te praten is groot.

HARTELIJKHEDEN

Ook Htet Ko Aung is onder de indruk. ‘Het is net alsof we met vrienden oude herinneringen ophalen’, zegt hij. En zo voelt het inderdaad. We geven nog drie kopieën van het boek voor de jongemannen, waarop Htet Ko Aung voorstelt om het boek voor ons te vertalen in het Birmees. ‘Als een geste’, zegt hij. Dat zou fantastisch zijn. We wisselen adresgegevens uit, zodat we het Word-document kunnen toesturen. Nadat we van Nan Htwe Kyi allebei een klein presentje hebben gekregen, de laatste hartelijkheden hebben uitgewisseld en nog wat foto’s hebben gemaakt, nemen we afscheid van elkaar. Nou Ma Twee Mè, oftewel: tot een volgende keer. Wat een bijzondere afsluiting van onze vakantie in Myanmar!